BWBR0003454
Geldig vanaf 1982-05-01
Artikel 57
Metroreglement
1. Een trein mag een spoorgedeelte eerst berijden, nadat de zekerheid is verkregen, dat
a. dit spoorgedeelte vrij is;
b. op dit spoorgedeelte geen trein uit tegengestelde richting gelijktijdig wordt toegelaten.
2. Door seinen wordt aan de metrobestuurder of machinist kenbaar gemaakt of, en zo ja met welke snelheid, hij mag rijden, tenzij de trein wordt bestuurd door het in artikel 20bedoelde systeem van ATO.
3. De zekerheid, bedoeld in het eerste lid, wordt op een der volgende wijzen verkregen:
a. door middel van zelfwerkend blokstelsel, waarbij het desbetreffende seinbeeld alleen kan worden getoond, indien het te berijden spoorgedeelte vrij is en tevens is uitgesloten, dat een sein gelijktijdig een trein uit tegengestelde richting toelaat;
b. door middel van een systeem van in te stellen rijwegen die slechts kunnen worden ingesteld, als is voldaan aan de in het eerste lid vermelde voorwaarden.
4. In het in <a href="/wet/BWBR0001848/artikel/6" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 6 van de Spoorwegwet</a>bedoelde dienstreglement is aangegeven in welke gevallen en hoe in afwijking van het bepaalde in het eerste lid onder <em>a</em>treinbewegingen plaatshebben.
a. dit spoorgedeelte vrij is;
b. op dit spoorgedeelte geen trein uit tegengestelde richting gelijktijdig wordt toegelaten.
2. Door seinen wordt aan de metrobestuurder of machinist kenbaar gemaakt of, en zo ja met welke snelheid, hij mag rijden, tenzij de trein wordt bestuurd door het in artikel 20bedoelde systeem van ATO.
3. De zekerheid, bedoeld in het eerste lid, wordt op een der volgende wijzen verkregen:
a. door middel van zelfwerkend blokstelsel, waarbij het desbetreffende seinbeeld alleen kan worden getoond, indien het te berijden spoorgedeelte vrij is en tevens is uitgesloten, dat een sein gelijktijdig een trein uit tegengestelde richting toelaat;
b. door middel van een systeem van in te stellen rijwegen die slechts kunnen worden ingesteld, als is voldaan aan de in het eerste lid vermelde voorwaarden.
4. In het in <a href="/wet/BWBR0001848/artikel/6" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 6 van de Spoorwegwet</a>bedoelde dienstreglement is aangegeven in welke gevallen en hoe in afwijking van het bepaalde in het eerste lid onder <em>a</em>treinbewegingen plaatshebben.