BWBR0020748
Geldig vanaf 2007-01-01
Artikel 38
Wet inrichting landelijk gebied
1. Gedeputeerde staten van de provincie waar de betrokken werken geheel of voor het grootste deel worden uitgevoerd, kunnen bepalen dat met name genoemde werken worden uitgevoerd door openbare lichamen die met het beheer of onderhoud daarvan zijn belast of vermoedelijk zullen worden belast, waarbij een doelmatig verband met andere werken zo veel mogelijk verzekerd zal zijn.
2. Omtrent de uitvoering van werken waarvan het beheer en het onderhoud vermoedelijk ten laste van het Rijk zullen komen, beslist Onze daarbij betrokken Minister, na gedeputeerde staten van de in het eerste lid bedoelde provincie te hebben gehoord.
2. Omtrent de uitvoering van werken waarvan het beheer en het onderhoud vermoedelijk ten laste van het Rijk zullen komen, beslist Onze daarbij betrokken Minister, na gedeputeerde staten van de in het eerste lid bedoelde provincie te hebben gehoord.