BWBR0020748
Geldig vanaf 2007-01-01
Artikel 23
Wet inrichting landelijk gebied
1. Geen wijziging wordt gebracht in de rechten en in de gebruikstoestand ten aanzien van:
a. begraafplaatsen, crematoria en bewaarplaatsen als bedoeld in onderscheidenlijk de artikelen 23, 49 en 62, eerste lid, onder c, van de Wet op de lijkbezorging;
b. gesloten begraafplaatsen dan wel graven of grafkelders als bedoeld in artikel 85 van de Wet op de lijkbezorging, binnen de termijnen en anders dan op de wijze, omschreven in artikel 46, tweede en derde lid, van die wet.
2. Zonder instemming van Onze Minister van Defensie wordt geen wijziging gebracht in de gebruikstoestand van onroerende zaken die een militaire bestemming hebben.
3. Zonder instemming van de eigenaar wordt geen wijziging gebracht in diens recht ten aanzien van gebouwen, behoudens in geval van onteigening als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0001842/artikel/122" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 122 van de onteigeningswet</a>.
a. begraafplaatsen, crematoria en bewaarplaatsen als bedoeld in onderscheidenlijk de artikelen 23, 49 en 62, eerste lid, onder c, van de Wet op de lijkbezorging;
b. gesloten begraafplaatsen dan wel graven of grafkelders als bedoeld in artikel 85 van de Wet op de lijkbezorging, binnen de termijnen en anders dan op de wijze, omschreven in artikel 46, tweede en derde lid, van die wet.
2. Zonder instemming van Onze Minister van Defensie wordt geen wijziging gebracht in de gebruikstoestand van onroerende zaken die een militaire bestemming hebben.
3. Zonder instemming van de eigenaar wordt geen wijziging gebracht in diens recht ten aanzien van gebouwen, behoudens in geval van onteigening als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0001842/artikel/122" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 122 van de onteigeningswet</a>.