BWBR0047689
Geldig vanaf 2025-10-10
Artikel 2.17.7
Subsidieregeling JTF 2021–2027
1. De subsidie bedraagt 35 procent van de subsidiabele kosten.
2. De subsidie wordt met 10 procentpunten verhoogd indien het project:
a. een samenwerkingsproject betreft, waarbij geen van de individuele aanvragers meer dan 70 procent van de in aanmerking komende kosten voor haar rekening neemt; of
b. een samenwerkingsproject betreft bestaande uit een onderneming of één of meer kennisinstelling(en), waarbij de activiteiten van deze kennisinstelling(en) ten minste 10 procent van de in aanmerking komende kosten dragen en het recht hebben hun eigen onderzoeksresultaten te publiceren, en waarbij een kennisinstelling ook door middel van inhuur betrokken kan zijn bij de samenwerking.
3. De subsidie wordt nogmaals met 5 procentpunten verhoogd indien het project een samenwerkingsproject betreft tussen één of meer kennisinstelling(en) én een of meerdere ondernemingen die geen partnerondernemingen van elkaar of verbonden met elkaar zijn. Hierbij dienen de activiteiten van de kennisinstelling(en) ten minste 10 procent van de in aanmerking komende kosten te dragen en het recht hebben hun eigen onderzoeksresultaten te publiceren, én mag geen van de individuele aanvragers meer dan 70 procent van de in aanmerking komende kosten voor haar rekening nemen.
4. In afwijking van het eerste tot en met derde lid kan de hoogte van het subsidiepercentage per aanvrager worden beperkt, indien de regels van de Algemene groepsvrijstellingsverordening en de de-minimisverordening daartoe aanleiding bieden.
5. De subsidie bedraagt minimaal € 350.000 per project.
6. De subsidie bedraagt maximaal € 1.000.000 per project en maximaal € 625.000 per projectpartner.
2. De subsidie wordt met 10 procentpunten verhoogd indien het project:
a. een samenwerkingsproject betreft, waarbij geen van de individuele aanvragers meer dan 70 procent van de in aanmerking komende kosten voor haar rekening neemt; of
b. een samenwerkingsproject betreft bestaande uit een onderneming of één of meer kennisinstelling(en), waarbij de activiteiten van deze kennisinstelling(en) ten minste 10 procent van de in aanmerking komende kosten dragen en het recht hebben hun eigen onderzoeksresultaten te publiceren, en waarbij een kennisinstelling ook door middel van inhuur betrokken kan zijn bij de samenwerking.
3. De subsidie wordt nogmaals met 5 procentpunten verhoogd indien het project een samenwerkingsproject betreft tussen één of meer kennisinstelling(en) én een of meerdere ondernemingen die geen partnerondernemingen van elkaar of verbonden met elkaar zijn. Hierbij dienen de activiteiten van de kennisinstelling(en) ten minste 10 procent van de in aanmerking komende kosten te dragen en het recht hebben hun eigen onderzoeksresultaten te publiceren, én mag geen van de individuele aanvragers meer dan 70 procent van de in aanmerking komende kosten voor haar rekening nemen.
4. In afwijking van het eerste tot en met derde lid kan de hoogte van het subsidiepercentage per aanvrager worden beperkt, indien de regels van de Algemene groepsvrijstellingsverordening en de de-minimisverordening daartoe aanleiding bieden.
5. De subsidie bedraagt minimaal € 350.000 per project.
6. De subsidie bedraagt maximaal € 1.000.000 per project en maximaal € 625.000 per projectpartner.