BWBR0047689
Geldig vanaf 2025-10-10
Artikel 1.31
Subsidieregeling JTF 2021–2027
1. Indien in deze regeling bepaald, kan de Minister van SZW op aanvraag voorschotten op basis van gemaakte kosten verlenen, tenzij er sprake is van subsidieverlening op basis van een vast bedrag.
2. De subsidieaanvrager dient een aanvraag voor een voorschot in door middel van een door de Minister van SZW beschikbaar gesteld elektronisch formulier, dat beschikbaar is op een in elk van de hoofdstukken 2 tot en met 8vermelde website.
3. Indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, dient de penvoerder namens hen de aanvraag voor een voorschot in.
4. Het voorschot wordt verleend op basis van gerealiseerde kosten en betalingen.
5. Een aanvraag om een voorschot bevat een verslag omtrent de voortgang als bedoeld in artikel 1.29, eerste lid, en bevat voor zover van toepassing:
a. bonnen en betaalbewijzen;
b. bewijsstukken inzake de gemaakte personeelskosten;
c. bewijsstukken inzake de gemaakte loonverletkosten;
d. bewijsstukken inzake geleverde inbreng in natura;
e. bewijsstukken inzake afschrijvingskosten;
f. bewijsstukken ten aanzien van de realisatie van de activiteit.
6. Tenzij in deze regeling of de beschikking tot subsidieverlening anders is bepaald heeft de aanvraag om een voorschot betrekking op maximaal 100 procent van de verleende subsidie.
7. De Minister van SZW betaalt binnen tachtig dagen na ontvangst van de aanvraag van een voorschot op de subsidie, de op dat moment bekende verschuldigde subsidie.
8. De betaling van het bedrag, bedoeld in het zevende lid, kan worden opgeschort, indien:
a. de Minister van SZW een verzoek tot aanvulling van ontbrekende gegevens heeft gedaan;
b. een onregelmatigheid in de aanvraag van een voorschot is geconstateerd; of
c. de door de Europese Commissie tussentijds uitgekeerde bedragen niet toereikend zijn.
9. Indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, verzendt de Minister van SZW de beschikking tot voorschotverlening aan de penvoerder.
2. De subsidieaanvrager dient een aanvraag voor een voorschot in door middel van een door de Minister van SZW beschikbaar gesteld elektronisch formulier, dat beschikbaar is op een in elk van de hoofdstukken 2 tot en met 8vermelde website.
3. Indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, dient de penvoerder namens hen de aanvraag voor een voorschot in.
4. Het voorschot wordt verleend op basis van gerealiseerde kosten en betalingen.
5. Een aanvraag om een voorschot bevat een verslag omtrent de voortgang als bedoeld in artikel 1.29, eerste lid, en bevat voor zover van toepassing:
a. bonnen en betaalbewijzen;
b. bewijsstukken inzake de gemaakte personeelskosten;
c. bewijsstukken inzake de gemaakte loonverletkosten;
d. bewijsstukken inzake geleverde inbreng in natura;
e. bewijsstukken inzake afschrijvingskosten;
f. bewijsstukken ten aanzien van de realisatie van de activiteit.
6. Tenzij in deze regeling of de beschikking tot subsidieverlening anders is bepaald heeft de aanvraag om een voorschot betrekking op maximaal 100 procent van de verleende subsidie.
7. De Minister van SZW betaalt binnen tachtig dagen na ontvangst van de aanvraag van een voorschot op de subsidie, de op dat moment bekende verschuldigde subsidie.
8. De betaling van het bedrag, bedoeld in het zevende lid, kan worden opgeschort, indien:
a. de Minister van SZW een verzoek tot aanvulling van ontbrekende gegevens heeft gedaan;
b. een onregelmatigheid in de aanvraag van een voorschot is geconstateerd; of
c. de door de Europese Commissie tussentijds uitgekeerde bedragen niet toereikend zijn.
9. Indien subsidieontvangers samenwerken in een samenwerkingsverband, verzendt de Minister van SZW de beschikking tot voorschotverlening aan de penvoerder.