BWBR0020420
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 6
Besluit prudentiële regels Wft
De Nederlandsche Bank neemt bij de vaststelling, bedoeld in artikel 5, in ieder geval in aanmerking:
a. de in de onderdelen 1 en 2 van Bijlage A genoemde strafrechtelijke antecedenten;
b. de in onderdeel 3 van Bijlage A genoemde financiële antecedenten;
c. de in onderdeel 4 van Bijlage A genoemde toezichtantecedenten;
d. de in onderdeel 5 van Bijlage A genoemde fiscaal bestuursrechtelijke antecedenten; en
e. de in onderdeel 6 van Bijlage A genoemde overige antecedenten.
a. de in de onderdelen 1 en 2 van Bijlage A genoemde strafrechtelijke antecedenten;
b. de in onderdeel 3 van Bijlage A genoemde financiële antecedenten;
c. de in onderdeel 4 van Bijlage A genoemde toezichtantecedenten;
d. de in onderdeel 5 van Bijlage A genoemde fiscaal bestuursrechtelijke antecedenten; en
e. de in onderdeel 6 van Bijlage A genoemde overige antecedenten.