BWBR0020420
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 26a
Besluit prudentiële regels Wft
1. Een bank, beleggingsonderneming of financiële instelling die een verklaring van ondertoezichtstelling als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0020368/artikel/3:110" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3:110</a>heeft, beschikt over procedures en maatregelen die waarborgen dat de voor de uitvoering van de vangnetregelingen noodzakelijke gegevens voortdurend actueel worden bijgehouden en adequaat zijn vastgelegd.
2. De financiële onderneming verstrekt de gegevens, bedoeld in het eerste lid, op verzoek van de Nederlandsche Bank binnen een door de Nederlandsche Bank te bepalen termijn en op een op de Nederlandsche Bank te bepalen wijze.
2. De financiële onderneming verstrekt de gegevens, bedoeld in het eerste lid, op verzoek van de Nederlandsche Bank binnen een door de Nederlandsche Bank te bepalen termijn en op een op de Nederlandsche Bank te bepalen wijze.