BWBR0020420
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 105i
Besluit prudentiële regels Wft
1. Het kapitaalconserveringsplan, bedoeld in artikel 3:62a, vierde lid, en artikel 3:62ba, vijfde lid, van de wet, bevat:
a. een schatting van de inkomsten en uitgaven en een balansverwachting;
b. een beschrijving van de maatregelen die de betrokken onderneming voornemens is te nemen om haar toetsingsvermogen te vergroten;
c. een plan en tijdpad om het toetsingsvermogen te vergroten opdat de onderneming voldoet aan de ingevolge artikel 3:62a, eerste lid, van de wet op de onderneming toepasselijke kapitaalbuffer en indien van toepassing, de op de onderneming toepasselijke hefboomratiobuffer, als bedoeld in artikel 3:62ba, eerste lid, van de wet;
d. andere informatie die noodzakelijk is voor een adequate beoordeling van het kapitaalconserveringsplan.
2. De Nederlandsche Bank kan nadere regels stellen met betrekking tot de informatie, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d.
a. een schatting van de inkomsten en uitgaven en een balansverwachting;
b. een beschrijving van de maatregelen die de betrokken onderneming voornemens is te nemen om haar toetsingsvermogen te vergroten;
c. een plan en tijdpad om het toetsingsvermogen te vergroten opdat de onderneming voldoet aan de ingevolge artikel 3:62a, eerste lid, van de wet op de onderneming toepasselijke kapitaalbuffer en indien van toepassing, de op de onderneming toepasselijke hefboomratiobuffer, als bedoeld in artikel 3:62ba, eerste lid, van de wet;
d. andere informatie die noodzakelijk is voor een adequate beoordeling van het kapitaalconserveringsplan.
2. De Nederlandsche Bank kan nadere regels stellen met betrekking tot de informatie, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d.