BWBR0020420
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 40h
Besluit prudentiële regels Wft
1. Een bank die gedekte obligaties uitgeeft en fysieke zekerheidsactiva hanteert die strekken tot zekerheid van de dekkingsactiva als bedoeld in artikel 129, eerste lid, onderdelen d tot en met g, van de verordening kapitaalvereisten, voldoet aan de vereisten van artikel 208 van die verordening.
2. De fysieke zekerheidsactiva worden gewaardeerd tegen of onder de marktwaarde of de hypotheekwaarde, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel 76, onderscheidenlijk onderdeel 74, van de verordening kapitaalvereisten.
3. De waardering van de fysieke zekerheidsactiva wordt uitgevoerd door een taxateur die voldoet aan de eisen, bedoeld in artikel 6, vijfde lid, onderdelen b en c, van de richtlijn gedekte obligaties.
2. De fysieke zekerheidsactiva worden gewaardeerd tegen of onder de marktwaarde of de hypotheekwaarde, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel 76, onderscheidenlijk onderdeel 74, van de verordening kapitaalvereisten.
3. De waardering van de fysieke zekerheidsactiva wordt uitgevoerd door een taxateur die voldoet aan de eisen, bedoeld in artikel 6, vijfde lid, onderdelen b en c, van de richtlijn gedekte obligaties.