BWBR0014168
Geldig vanaf 2022-10-13
Artikel 100
Mijnbouwwet
Onverminderd het bij of krachtens deze afdeling bepaalde geschieden de heffing en invordering van de afdracht aan de staat of een vooruitbetaling op een afdracht met overeenkomstige toepassing van de <a href="/wet/BWBR0004770/artikel/11" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 11</a>, <a href="/wet/BWBR0004770/artikel/12" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">12</a>, <a href="/wet/BWBR0004770/artikel/14" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">14</a>, <a href="/wet/BWBR0004770/artikel/17" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">17, eerste lid</a>, <a href="/wet/BWBR0004770/artikel/25" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">25, eerste en tweede lid</a>, <a href="/wet/BWBR0004770/artikel/28" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">28</a>en <a href="/wet/BWBR0004770/artikel/29" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">29 van de Invorderingswet 1990</a>en de daarop berustende bepalingen, met dien verstande dat Onze Minister in de plaats treedt van de ontvanger.