BWBR0014168
Geldig vanaf 01-01-2026
Artikel 45n
Mijnbouwwet
1. De exploitant dient in het geval van een boorgatactiviteit, een kennisgeving van de boorgatactiviteit in bij de inspecteur-generaal der mijnen.
2. De kennisgeving, bedoeld in het eerste lid, bevat tevens het bedrijfsbeleid inzake het voorkomen van zware ongevallen voor zover dit beleid niet reeds eerder is ingediend bij de inspecteur-generaal der mijnen.
3. De exploitant start niet met een boorgatactiviteit, voordat de kennisgeving, bedoeld in het eerste lid, aan de inspecteur-generaal der mijnen is voorgelegd.
4. De exploitant begint niet met of staakt een boorgatactiviteit, indien de inspecteur-generaal der mijnen bezwaren heeft geuit over de inhoud van de kennisgeving, bedoeld in het eerste lid.
5. Bij elke essentiële wijziging in de gegevens van een ingediende kennisgeving van boorgatactiviteiten betrekt de exploitant een onafhankelijke verificateur bij het opstellen daarvan en stelt de inspecteur-generaal der mijnen in kennis van deze wijziging.
2. De kennisgeving, bedoeld in het eerste lid, bevat tevens het bedrijfsbeleid inzake het voorkomen van zware ongevallen voor zover dit beleid niet reeds eerder is ingediend bij de inspecteur-generaal der mijnen.
3. De exploitant start niet met een boorgatactiviteit, voordat de kennisgeving, bedoeld in het eerste lid, aan de inspecteur-generaal der mijnen is voorgelegd.
4. De exploitant begint niet met of staakt een boorgatactiviteit, indien de inspecteur-generaal der mijnen bezwaren heeft geuit over de inhoud van de kennisgeving, bedoeld in het eerste lid.
5. Bij elke essentiële wijziging in de gegevens van een ingediende kennisgeving van boorgatactiviteiten betrekt de exploitant een onafhankelijke verificateur bij het opstellen daarvan en stelt de inspecteur-generaal der mijnen in kennis van deze wijziging.
- Wet
- Mijnbouwwet
- Citeren als
- Art. 45n
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0014168
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl