BWBR0008477
Geldig vanaf 1997-01-01
Artikel 21
Regeling contingentering zeevis
1. De ten behoeve van een groepscontingent samengevoegde contingenten van een vissoort kunnen gedurende een kalenderjaar niet aan het groepscontingent worden onttrokken.
2. Onverminderd het eerste lid kan de minister toestemming verlenen één of meer van de tot een groepscontingent samengevoegde contingenten van een vissoort, of een gedeelte daarvan, aan het groepscontingent te onttrekken in het geval van:
a. definitieve bedrijfsbeëindiging;
b. faillissement van een ondernemer;
c. overdracht van één of meer van de desbetreffende vissersvaartuigen, of
d. een verzoek tot onttrekking van de desbetreffende ondernemer of ondernemers, mits: 1°. het verzoek vergezeld gaat van een schriftelijke verklaring van het groepsbestuur dan wel bestuur van de producentenorganisatie dat het desbetreffende groepscontingent beheert, dat het met de onttrekking instemt, en
2°. het groepscontingent van de desbetreffende vissoort of - in voorkomend geval - van de desbetreffende aanverwante vissoort, op het moment van ontvangst van het verzoek nog niet voor 90% is opgevist.
1°. het verzoek vergezeld gaat van een schriftelijke verklaring van het groepsbestuur dan wel bestuur van de producentenorganisatie dat het desbetreffende groepscontingent beheert, dat het met de onttrekking instemt, en
2°. het groepscontingent van de desbetreffende vissoort of - in voorkomend geval - van de desbetreffende aanverwante vissoort, op het moment van ontvangst van het verzoek nog niet voor 90% is opgevist.
3. Indien de minister de toestemming, bedoeld in het tweede lid, verleent, worden de te onttrekken contingenten van een vissoort verminderd met de vangsten die tot de datum van onttrekking op basis van die contingenten zijn gerealiseerd.
2. Onverminderd het eerste lid kan de minister toestemming verlenen één of meer van de tot een groepscontingent samengevoegde contingenten van een vissoort, of een gedeelte daarvan, aan het groepscontingent te onttrekken in het geval van:
a. definitieve bedrijfsbeëindiging;
b. faillissement van een ondernemer;
c. overdracht van één of meer van de desbetreffende vissersvaartuigen, of
d. een verzoek tot onttrekking van de desbetreffende ondernemer of ondernemers, mits: 1°. het verzoek vergezeld gaat van een schriftelijke verklaring van het groepsbestuur dan wel bestuur van de producentenorganisatie dat het desbetreffende groepscontingent beheert, dat het met de onttrekking instemt, en
2°. het groepscontingent van de desbetreffende vissoort of - in voorkomend geval - van de desbetreffende aanverwante vissoort, op het moment van ontvangst van het verzoek nog niet voor 90% is opgevist.
1°. het verzoek vergezeld gaat van een schriftelijke verklaring van het groepsbestuur dan wel bestuur van de producentenorganisatie dat het desbetreffende groepscontingent beheert, dat het met de onttrekking instemt, en
2°. het groepscontingent van de desbetreffende vissoort of - in voorkomend geval - van de desbetreffende aanverwante vissoort, op het moment van ontvangst van het verzoek nog niet voor 90% is opgevist.
3. Indien de minister de toestemming, bedoeld in het tweede lid, verleent, worden de te onttrekken contingenten van een vissoort verminderd met de vangsten die tot de datum van onttrekking op basis van die contingenten zijn gerealiseerd.