BWBR0008477
Geldig vanaf 1997-01-01
Artikel 24
Regeling contingentering zeevis
1. Indien de ondernemer het voor het kalenderjaar toegekende contingent van een vissoort overschrijdt, wordt het voor het jaar volgend op het kalenderjaar toe te kennen contingent van die vissoort overeenkomstig gekort. Indien de hoeveelheid van die vissoort waarmee het voor het kalenderjaar toe te kennen contingent van die vissoort wordt overschreden, groter is dan de omvang van het voor het jaar volgend op het kalenderjaar toe te kennen contingent van die vissoort, wordt het voor de jaren na laatstbedoeld jaar toe te kennen contingent van die vissoort overeenkomstig gekort.
2. Indien de hoeveelheid van een vissoort waarmee het voor een aan het kalenderjaar voorafgaand jaar toegekende contingent van een vissoort werd overschreden, groter is dan de omvang van het voor een daaropvolgend jaar toegekend contingent van die vissoort, wordt het voor de op laatstbedoeld jaar volgende jaren toe te kennen contingent van die vissoort overeenkomstig gekort.
3. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing indien de ondernemer in het kalenderjaar de som van de voor zijn vissersvaartuigen toegekende contingenten overschrijdt.
4. Indien het voor het kalenderjaar gevormde groepscontingent van een vissoort wordt overschreden, wordt de hoeveelheid van de desbetreffende vissoort waarmee het groepscontingent is overschreden,op de voor het op het kalenderjaar volgende jaar toe te kennen contingenten van die vissoort van die deelnemers in mindering gebracht die in het kalenderjaar hun individueel aandeel van die vissoort in dat groepscontingent hebben overschreden. Indien de hoeveelheid van die vissoort waarmee het individueel aandeel in het groepscontingent in het kalenderjaar wordt overschreden groter is dan de omvang van het voor op het kalenderjaar volgende jaar toe te kennen contingent van die vissoort, wordt het voor de jaren na laatstbedoeld jaar toe te kennen contingent van die vissoort overeenkomstig gekort.
5. Indien de hoeveelheid van een vissoort waarmee het individueel aandeel van een vissoort in het groepscontingent in het aan het kalenderjaar voorafgaande jaar werd overschreden, groter is dan de omvang van het voor het kalenderjaar toe te kennen contingent van die vissoort wordt het voor het op het kalenderjaar volgende jaar en de daarop volgende jaren toe te kennen contingent van die vissoort overeenkomstig gekort.
6. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op de ondernemer die de toestemming, bedoeld in artikel 15, heeft verkregen.
2. Indien de hoeveelheid van een vissoort waarmee het voor een aan het kalenderjaar voorafgaand jaar toegekende contingent van een vissoort werd overschreden, groter is dan de omvang van het voor een daaropvolgend jaar toegekend contingent van die vissoort, wordt het voor de op laatstbedoeld jaar volgende jaren toe te kennen contingent van die vissoort overeenkomstig gekort.
3. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing indien de ondernemer in het kalenderjaar de som van de voor zijn vissersvaartuigen toegekende contingenten overschrijdt.
4. Indien het voor het kalenderjaar gevormde groepscontingent van een vissoort wordt overschreden, wordt de hoeveelheid van de desbetreffende vissoort waarmee het groepscontingent is overschreden,op de voor het op het kalenderjaar volgende jaar toe te kennen contingenten van die vissoort van die deelnemers in mindering gebracht die in het kalenderjaar hun individueel aandeel van die vissoort in dat groepscontingent hebben overschreden. Indien de hoeveelheid van die vissoort waarmee het individueel aandeel in het groepscontingent in het kalenderjaar wordt overschreden groter is dan de omvang van het voor op het kalenderjaar volgende jaar toe te kennen contingent van die vissoort, wordt het voor de jaren na laatstbedoeld jaar toe te kennen contingent van die vissoort overeenkomstig gekort.
5. Indien de hoeveelheid van een vissoort waarmee het individueel aandeel van een vissoort in het groepscontingent in het aan het kalenderjaar voorafgaande jaar werd overschreden, groter is dan de omvang van het voor het kalenderjaar toe te kennen contingent van die vissoort wordt het voor het op het kalenderjaar volgende jaar en de daarop volgende jaren toe te kennen contingent van die vissoort overeenkomstig gekort.
6. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op de ondernemer die de toestemming, bedoeld in artikel 15, heeft verkregen.