BWBR0007477
Geldig vanaf 2002-11-14
Artikel 94
Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf
1. Verzekeraars die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet het natura-uitvaartverzekeringsbedrijf uitoefenen, vragen binnen zes maanden na dit tijdstip bij de Verzekeringskamer de vergunning aan, die zij ingevolge artikel 11van deze wet of <a href="/wet/BWBR0006509/artikel/24" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 24, eerste lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993</a>behoeven voor de uitoefening van hun bedrijf op genoemd tijdstip.
2. Met betrekking tot de aanvraag zijn de artikelen 12, onderdeel a, 20, onderdeel b, en 22, eerste lid, onderdeel f, niet van toepassing, met dien verstande dat de polisvoorwaarden en de jaarstukken over het laatstverstreken jaar wel overgelegd worden.
3. In afwijking van artikel 15, eerste lid, maakt de Verzekeringskamer haar beslissing op de aanvraag binnen vijftien maanden na het tijdstip van inwerkingtreding van de wet aan de aanvrager bekend. De Verzekeringskamer kan deze termijn verlengen. Een afwijzende beslissing staat wat haar gevolgen betreft gelijk met een besluit van de Verzekeringskamer tot intrekking van een vergunning.
4. Zolang een verzekeraar als bedoeld in het eerste lid de beslissing van de Verzekeringskamer nog niet heeft ontvangen, wordt hij gelijkgesteld met een verzekeraar die de aangevraagde vergunning bezit.
2. Met betrekking tot de aanvraag zijn de artikelen 12, onderdeel a, 20, onderdeel b, en 22, eerste lid, onderdeel f, niet van toepassing, met dien verstande dat de polisvoorwaarden en de jaarstukken over het laatstverstreken jaar wel overgelegd worden.
3. In afwijking van artikel 15, eerste lid, maakt de Verzekeringskamer haar beslissing op de aanvraag binnen vijftien maanden na het tijdstip van inwerkingtreding van de wet aan de aanvrager bekend. De Verzekeringskamer kan deze termijn verlengen. Een afwijzende beslissing staat wat haar gevolgen betreft gelijk met een besluit van de Verzekeringskamer tot intrekking van een vergunning.
4. Zolang een verzekeraar als bedoeld in het eerste lid de beslissing van de Verzekeringskamer nog niet heeft ontvangen, wordt hij gelijkgesteld met een verzekeraar die de aangevraagde vergunning bezit.