BWBR0007477
Geldig vanaf 2002-11-14
Artikel 74
Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf
1. De rechtbank kan tegelijk met de in artikel 66bedoelde machtiging of daarna de bewindvoerders op hun verzoek een bijzondere machtiging verlenen die strekt tot een of meer van de volgende handelingen:
a. wijziging, bij de overdracht van rechten en verplichtingen uit of krachtens overeenkomsten van natura-uitvaartverzekering, van die overeenkomsten;
b. verkorting van de duur van overeenkomsten van natura-uitvaartverzekering.
2. Wijzigingen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, kunnen niet tot gevolg hebben dat aan verzekeringnemers meer verplichtingen worden opgelegd.
3. Ten aanzien van de bijzondere machtiging zijn de artikelen 66, vierde tot en met achtste lid, negende lid, eerste volzin, tiende en elfde lid, van overeenkomstige toepassing.
4. Zodra overdracht van rechten en verplichtingen krachtens de in artikel 66bedoelde machtiging heeft plaatsgevonden, doen de bewindvoerders van deze overdracht en, zo handelingen door hen zijn verricht krachtens de in het eerste lid bedoelde bijzondere machtiging, van deze handelingen mededeling in de Staatscouranten in ten minste drie door de rechtbank aan te wijzen dagbladen. De bewindvoerders kunnen, indien zij dit in het belang van verzekeringnemers, verzekerden of gerechtigden op uitkeringen achten, de bedoelde overdracht en handelingen tevens op andere wijze publiceren
5. De overdracht en de wijziging, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, worden ten aanzien van alle andere belanghebbenden dan de betrokken verzekeraars van kracht met ingang van de tweede dag, volgende op die van de dagtekening van de Staatscourantwaarin de publikatie is geplaatst. Op de overdracht zijn de artikelen 52, eerste, tweede, vierde en vijfde lid, 53, eerste, tweede en vierde lid, en 54niet van toepassing.
6. Wijzigingen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, laten onverlet de uitkeringen die overeenkomstig artikel 72azijn gedaan voor de dag van de indiening van het verzoek om de machtiging als bedoeld in het eerste lid.
a. wijziging, bij de overdracht van rechten en verplichtingen uit of krachtens overeenkomsten van natura-uitvaartverzekering, van die overeenkomsten;
b. verkorting van de duur van overeenkomsten van natura-uitvaartverzekering.
2. Wijzigingen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, kunnen niet tot gevolg hebben dat aan verzekeringnemers meer verplichtingen worden opgelegd.
3. Ten aanzien van de bijzondere machtiging zijn de artikelen 66, vierde tot en met achtste lid, negende lid, eerste volzin, tiende en elfde lid, van overeenkomstige toepassing.
4. Zodra overdracht van rechten en verplichtingen krachtens de in artikel 66bedoelde machtiging heeft plaatsgevonden, doen de bewindvoerders van deze overdracht en, zo handelingen door hen zijn verricht krachtens de in het eerste lid bedoelde bijzondere machtiging, van deze handelingen mededeling in de Staatscouranten in ten minste drie door de rechtbank aan te wijzen dagbladen. De bewindvoerders kunnen, indien zij dit in het belang van verzekeringnemers, verzekerden of gerechtigden op uitkeringen achten, de bedoelde overdracht en handelingen tevens op andere wijze publiceren
5. De overdracht en de wijziging, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, worden ten aanzien van alle andere belanghebbenden dan de betrokken verzekeraars van kracht met ingang van de tweede dag, volgende op die van de dagtekening van de Staatscourantwaarin de publikatie is geplaatst. Op de overdracht zijn de artikelen 52, eerste, tweede, vierde en vijfde lid, 53, eerste, tweede en vierde lid, en 54niet van toepassing.
6. Wijzigingen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, laten onverlet de uitkeringen die overeenkomstig artikel 72azijn gedaan voor de dag van de indiening van het verzoek om de machtiging als bedoeld in het eerste lid.