BWBR0004046
Geldig vanaf 1987-01-01
Artikel 18
Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid
Indien het recht op uitkering op grond van de <a href="/wet/BWBR0004045" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Werkloosheidswet</a>van de persoon, bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, door het verrichten van arbeid als werknemer is geëindigd en vervolgens na beëindiging van die arbeid op een tijdstip, gelegen binnen vijf jaar na inwerkingtreding van de nieuwe <a href="/wet/BWBR0004045" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Werkloosheidswet</a>, recht op uitkering is ontstaan op grond van de nieuwe <a href="/wet/BWBR0004045" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Werkloosheidswet</a>, zonder dat aan de voorwaarde, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0004045/artikel/42" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 42, tweede lid, onderdeel a, van die wet</a>wordt voldaan, wordt de duur van die uitkering voor zover de werknemer ter zake van het eerstbedoelde recht aan de in artikel 17, eerste en tweede lid, genoemde voorwaarden voldeed, verlengd met de duur, bedoeld in die leden.