BWBR0049658
Geldig vanaf 2025-11-24
Artikel 11
Tijdelijke regeling uitkering bodem 2024–2030
1. Een aanvraag die het bevoegd gezag Wbb in 2024 doet, bevat voor de historische spoedopgave in ieder geval de projecten of de locaties die onderdeel uitmaken van de historische spoedopgave voor het bevoegd gezag waarvoor de uitkering wordt aangevraagd, onderverdeeld naar:
a. individuele spoedlocaties;
b. gebiedsgericht grondwaterbeheer;
c. nazorg inclusief isoleren, beheer- en controlemaatregelen; en
d. de aanpak van waterbodems als bedoeld op lijst C van het convenant bodem en ondergrond.
2. Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid, bevat tevens een projectplan indien de aanvraag voor een project of locatie een bedrag van meer dan € 2.000.000,– bedraagt of indien het een project betreft waarvoor een onherroepelijke beschikking tot spoedige sanering als bedoeld in artikel 37 van de Wet bodembeschermingis genomen na 31 december 2020.
3. Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid, kan een of meer projecten of financiële verplichtingen betreffen, die in de periode van 2024 tot en met 2030 worden uitgevoerd respectievelijk worden aangegaan.
a. individuele spoedlocaties;
b. gebiedsgericht grondwaterbeheer;
c. nazorg inclusief isoleren, beheer- en controlemaatregelen; en
d. de aanpak van waterbodems als bedoeld op lijst C van het convenant bodem en ondergrond.
2. Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid, bevat tevens een projectplan indien de aanvraag voor een project of locatie een bedrag van meer dan € 2.000.000,– bedraagt of indien het een project betreft waarvoor een onherroepelijke beschikking tot spoedige sanering als bedoeld in artikel 37 van de Wet bodembeschermingis genomen na 31 december 2020.
3. Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid, kan een of meer projecten of financiële verplichtingen betreffen, die in de periode van 2024 tot en met 2030 worden uitgevoerd respectievelijk worden aangegaan.