BWBR0028547
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 2
Wet toezicht bank- en kredietwezen 1994 BES
1. Het is een ieder verboden in een openbaar lichaam het bedrijf van kredietinstelling of geldtransactiekantoor uit te oefenen zonder voorafgaande vergunning van de Bank.
2. Aan een vergunning als bedoeld in het eerste lid, kunnen door de Bank te allen tijde beperkingen worden gesteld en voorschriften worden verbonden in het belang van de ontwikkeling en instandhouding van een gezond bank- en kredietwezen, in het belang van een integere uitoefening van het bedrijf alsmede ter bescherming van de belangen van de crediteuren of toekomstige crediteuren van de kredietinstelling of het geldtransactiekantoor.
2. Aan een vergunning als bedoeld in het eerste lid, kunnen door de Bank te allen tijde beperkingen worden gesteld en voorschriften worden verbonden in het belang van de ontwikkeling en instandhouding van een gezond bank- en kredietwezen, in het belang van een integere uitoefening van het bedrijf alsmede ter bescherming van de belangen van de crediteuren of toekomstige crediteuren van de kredietinstelling of het geldtransactiekantoor.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028547
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl