BWBR0027597
Geldig vanaf 2010-04-29
Artikel 3.7
Regeling op het specifiek cultuurbeleid
1. De minister beslist gelijktijdig op alle aanvragen op basis van een vergelijking van hun geschiktheid om bij te dragen aan de doelstellingen van de bij of krachtens de wet gestelde regels, aan de hand van de criteria, bedoeld in artikel 3.9, en de afwegingsaspecten, bedoeld in artikel 3.10.
2. De minister vraagt de Raad om advies omtrent de te nemen besluiten op de aanvragen. De Raad stelt ten behoeve van zijn advisering een beoordelingskader vast aan de hand van de criteria, bedoeld in artikel 3.9en de afwegingsaspecten, bedoeld in artikel 3.10.
3. Indien na beoordeling van alle aanvragen een bepaald beschikbaar bedrag niet geheel wordt verleend, kan de minister het resterende bedrag toevoegen aan een ander subsidieplafond binnen die paragraaf onderscheidenlijk afdeling.
4. Het derde lid is niet van toepassing op paragraaf 3.2.3.
2. De minister vraagt de Raad om advies omtrent de te nemen besluiten op de aanvragen. De Raad stelt ten behoeve van zijn advisering een beoordelingskader vast aan de hand van de criteria, bedoeld in artikel 3.9en de afwegingsaspecten, bedoeld in artikel 3.10.
3. Indien na beoordeling van alle aanvragen een bepaald beschikbaar bedrag niet geheel wordt verleend, kan de minister het resterende bedrag toevoegen aan een ander subsidieplafond binnen die paragraaf onderscheidenlijk afdeling.
4. Het derde lid is niet van toepassing op paragraaf 3.2.3.