BWBR0027597
Geldig vanaf 2010-04-29
Artikel 3.51
Regeling op het specifiek cultuurbeleid
De minister kan subsidie verstrekken aan ten hoogste één instelling met als kernactiviteit het ontwikkelen en verspreiden van kennis en het bevorderen van deskundigheid op het gebied van digitale transformatie in de culturele en creatieve sector, indien:
a. de activiteiten van de instelling: 1°. gericht zijn op het vervullen van een landelijke kennis- en deskundigheidsfunctie voor digitale transformatie in de culturele en creatieve sector, waaronder voor het gebruik van digitale technologie en datagedreven werken;
2°. als doel hebben om de maatschappelijke impact van cultuur te vergroten; en
3°. gericht zijn op het bevorderen van samenwerking tussen culturele instellingen en sectoren.
1°. gericht zijn op het vervullen van een landelijke kennis- en deskundigheidsfunctie voor digitale transformatie in de culturele en creatieve sector, waaronder voor het gebruik van digitale technologie en datagedreven werken;
2°. als doel hebben om de maatschappelijke impact van cultuur te vergroten; en
3°. gericht zijn op het bevorderen van samenwerking tussen culturele instellingen en sectoren.
b. de instelling zijn activiteiten afstemt met relevante partijen.
a. de activiteiten van de instelling: 1°. gericht zijn op het vervullen van een landelijke kennis- en deskundigheidsfunctie voor digitale transformatie in de culturele en creatieve sector, waaronder voor het gebruik van digitale technologie en datagedreven werken;
2°. als doel hebben om de maatschappelijke impact van cultuur te vergroten; en
3°. gericht zijn op het bevorderen van samenwerking tussen culturele instellingen en sectoren.
1°. gericht zijn op het vervullen van een landelijke kennis- en deskundigheidsfunctie voor digitale transformatie in de culturele en creatieve sector, waaronder voor het gebruik van digitale technologie en datagedreven werken;
2°. als doel hebben om de maatschappelijke impact van cultuur te vergroten; en
3°. gericht zijn op het bevorderen van samenwerking tussen culturele instellingen en sectoren.
b. de instelling zijn activiteiten afstemt met relevante partijen.