BWBR0026952
Geldig vanaf 2014-06-16
Artikel 3a.4
Subsidieregeling energie en innovatie
1. In afwijking van de Regeling steunintensiteitwordt de hoogte van de subsidie voor de kosten die in het jaar t zijn gemaakt:
a. voor elk product waarvoor een efficiëntiebenchmark voor elektriciteitsgebruik is vastgesteld, afzonderlijk berekend overeenkomstig de volgende formule: Ait * C * Pt-1 * E * BO. In deze formule betekent: Ait: de steunintensiteit in jaar t, bedoeld in het derde lid, uitgedrukt als een percentage; C: de CO2-emissiefactor; Pt-1: de EUA-termijnkoers in jaar t-1 (Euro/tCO2); E: de toepasselijk productspecifieke efficiëntiebenchmark als omschreven in bijlage 3A.2; BO: de referentie-output van het toepasselijk product.
b. voor producten waarvoor geen efficiëntiebenchmark voor elektriciteitsgebruik is vastgesteld, berekend met gebruikmaking van de fallback-efficiëntiebenchmark voor elektriciteitsverbruik overeenkomstig de volgende formule: Ait *C *Pt-1 * EF *BEC. In deze formule betekent: Ait: de steunintensiteit in jaar t, bedoeld in het derde lid, uitgedrukt als een percentage; C: de CO2-emissiefactor; Pt-1: de EUA-termijnkoers in jaar t-1 (Euro/tCO2); EF: de fallback-benchmark voor elektriciteitsverbruik; BEC: het referentie-elekriciteitsverbruik (MWh).
2. De hoogte van het subsidiebedrag wordt verminderd met het bedrag in euro dat overeenkomt met de indirecte emissiekosten ETS van 1.000 MWh, berekend overeenkomstig de volgende formule:
Ait *C *Pt-1 * EF *BEC.
In deze formule betekent:
Ait: de steunintensiteit in jaar t, bedoeld in het derde lid, uitgedrukt als een percentage;
C: de CO 2-emissiefactor;
Pt-1: de EUA-termijnkoers in jaar t-1 (Euro/tCO 2);
EF: de fallback-benchmark voor elektriciteitsverbruik;
BEC: 1.000 (MWh).
3. De steunintensiteit in jaar t, bedoeld in het eerste en tweede lid, bedraagt 85 procent van de subsidiabele kosten gemaakt in 2013 tot en met 2015, 80 procent van de subsidiabele kosten gemaakt in 2016 tot en met 2018, en 75 procent van de subsidiabele kosten gemaakt in 2019 en 2020.
a. voor elk product waarvoor een efficiëntiebenchmark voor elektriciteitsgebruik is vastgesteld, afzonderlijk berekend overeenkomstig de volgende formule: Ait * C * Pt-1 * E * BO. In deze formule betekent: Ait: de steunintensiteit in jaar t, bedoeld in het derde lid, uitgedrukt als een percentage; C: de CO2-emissiefactor; Pt-1: de EUA-termijnkoers in jaar t-1 (Euro/tCO2); E: de toepasselijk productspecifieke efficiëntiebenchmark als omschreven in bijlage 3A.2; BO: de referentie-output van het toepasselijk product.
b. voor producten waarvoor geen efficiëntiebenchmark voor elektriciteitsgebruik is vastgesteld, berekend met gebruikmaking van de fallback-efficiëntiebenchmark voor elektriciteitsverbruik overeenkomstig de volgende formule: Ait *C *Pt-1 * EF *BEC. In deze formule betekent: Ait: de steunintensiteit in jaar t, bedoeld in het derde lid, uitgedrukt als een percentage; C: de CO2-emissiefactor; Pt-1: de EUA-termijnkoers in jaar t-1 (Euro/tCO2); EF: de fallback-benchmark voor elektriciteitsverbruik; BEC: het referentie-elekriciteitsverbruik (MWh).
2. De hoogte van het subsidiebedrag wordt verminderd met het bedrag in euro dat overeenkomt met de indirecte emissiekosten ETS van 1.000 MWh, berekend overeenkomstig de volgende formule:
Ait *C *Pt-1 * EF *BEC.
In deze formule betekent:
Ait: de steunintensiteit in jaar t, bedoeld in het derde lid, uitgedrukt als een percentage;
C: de CO 2-emissiefactor;
Pt-1: de EUA-termijnkoers in jaar t-1 (Euro/tCO 2);
EF: de fallback-benchmark voor elektriciteitsverbruik;
BEC: 1.000 (MWh).
3. De steunintensiteit in jaar t, bedoeld in het eerste en tweede lid, bedraagt 85 procent van de subsidiabele kosten gemaakt in 2013 tot en met 2015, 80 procent van de subsidiabele kosten gemaakt in 2016 tot en met 2018, en 75 procent van de subsidiabele kosten gemaakt in 2019 en 2020.