BWBR0026952
Geldig vanaf 2014-06-16
Artikel 3.4.6
Subsidieregeling energie en innovatie
1. Indien subsidie is verstrekt voor het boren van een doublet geldt dat:
a. indien het gerealiseerde vermogen van de eerste boring gelijk aan of meer dan 75% is en de subsidie-ontvanger het project staakt, de subsidie op nihil wordt vastgesteld;
b. indien het gerealiseerd vermogen van de eerste boring meer dan 50% van het verwacht vermogen is en de subsidie-ontvanger het project voltooit, artikel 3.4.9 van toepassing is;
c. indien het gerealiseerd vermogen van de eerste boring meer dan 50%, maar minder dan 75% van het verwacht vermogen is en de subsidie-ontvanger het project na de eerste boring staakt, artikel 3.4.8 van toepassing is;
d. indien het gerealiseerd vermogen van de eerste boring 50% of minder van het verwacht vermogen is, artikel 3.4.8 van toepassing is.
2. De subsidie-ontvanger staakt het aardwarmteproject of diep aardwarmteproject door eigen aangifte dan wel wordt geacht dit project te staken door niet binnen een jaar na voltooiing van de eerste boring het doublet te voltooien.
a. indien het gerealiseerde vermogen van de eerste boring gelijk aan of meer dan 75% is en de subsidie-ontvanger het project staakt, de subsidie op nihil wordt vastgesteld;
b. indien het gerealiseerd vermogen van de eerste boring meer dan 50% van het verwacht vermogen is en de subsidie-ontvanger het project voltooit, artikel 3.4.9 van toepassing is;
c. indien het gerealiseerd vermogen van de eerste boring meer dan 50%, maar minder dan 75% van het verwacht vermogen is en de subsidie-ontvanger het project na de eerste boring staakt, artikel 3.4.8 van toepassing is;
d. indien het gerealiseerd vermogen van de eerste boring 50% of minder van het verwacht vermogen is, artikel 3.4.8 van toepassing is.
2. De subsidie-ontvanger staakt het aardwarmteproject of diep aardwarmteproject door eigen aangifte dan wel wordt geacht dit project te staken door niet binnen een jaar na voltooiing van de eerste boring het doublet te voltooien.