BWBR0026952
Geldig vanaf 2014-06-16
Artikel 2.1.10
Subsidieregeling energie en innovatie
1. De minister rangschikt aanvragen om een subsidie voor een nieuw energieonderzoeksproject waarop niet afwijzend is beslist, hoger naarmate het project meer bijdraagt aan de criteria omtrent een duurzame energiehuishouding.
2. Criteria omtrent een duurzame energiehuishouding als bedoeld in het eerste lid zijn:
a. de mate waarin het betreffende onderzoek niet-conventioneel en nieuw is;
b. de mate waarin het betreffende onderzoek van belang is voor de verduurzaming van de energiehuishouding;
c. de mate waarin het project uiteindelijk kan leiden tot een nieuw energieonderzoeksgebied of een nieuwe richting binnen een bestaand energieonderzoeksgebied;
d. de kwaliteit van het project.
3. Voor de rangschikking weegt:
– het in het tweede lid, onderdeel a, genoemde criterium mee voor 2/5,
– het in het tweede lid, onderdeel b, genoemde criterium voor 1/5,
– het in het tweede lid, onderdeel c, genoemde criterium voor 1/5, en
– het in het tweede lid, onderdeel d, genoemde criterium voor 1/5.
2. Criteria omtrent een duurzame energiehuishouding als bedoeld in het eerste lid zijn:
a. de mate waarin het betreffende onderzoek niet-conventioneel en nieuw is;
b. de mate waarin het betreffende onderzoek van belang is voor de verduurzaming van de energiehuishouding;
c. de mate waarin het project uiteindelijk kan leiden tot een nieuw energieonderzoeksgebied of een nieuwe richting binnen een bestaand energieonderzoeksgebied;
d. de kwaliteit van het project.
3. Voor de rangschikking weegt:
– het in het tweede lid, onderdeel a, genoemde criterium mee voor 2/5,
– het in het tweede lid, onderdeel b, genoemde criterium voor 1/5,
– het in het tweede lid, onderdeel c, genoemde criterium voor 1/5, en
– het in het tweede lid, onderdeel d, genoemde criterium voor 1/5.