BWBR0026952
Geldig vanaf 2014-06-16
Artikel 2.4.15.6
Subsidieregeling energie en innovatie
De minister beslist afwijzend op een aanvraag indien:
a. het project onvoldoende bijdraagt aan de energiebesparing in industriële processen;
b. er onvoldoende sprake is van een vernieuwende technologie;
c. het project niet voldoende bijdraagt aan het creëren van economische waarde voor de deelnemers in het samenwerkingsverband en de daarmee samenhangende positieve gevolgen voor de Nederlandse economie;
d. de kwaliteit van het samenwerkingsverband ontoereikend is om het project uit te voeren;
e. in onvoldoende mate is voorzien in een kwalitatief goede kennisverspreiding;
f. eerder op grond van deze paragraaf een subsidie is verstrekt voor een soortgelijk project.
a. het project onvoldoende bijdraagt aan de energiebesparing in industriële processen;
b. er onvoldoende sprake is van een vernieuwende technologie;
c. het project niet voldoende bijdraagt aan het creëren van economische waarde voor de deelnemers in het samenwerkingsverband en de daarmee samenhangende positieve gevolgen voor de Nederlandse economie;
d. de kwaliteit van het samenwerkingsverband ontoereikend is om het project uit te voeren;
e. in onvoldoende mate is voorzien in een kwalitatief goede kennisverspreiding;
f. eerder op grond van deze paragraaf een subsidie is verstrekt voor een soortgelijk project.