BWBR0014771
Geldig vanaf 2003-04-01
Artikel 6.1.1
Verlofspaarregeling rijkspersoneel
1. Met ingang van de datum waarop deze regeling in werking treedt kan niet meer worden aangevangen met het sparen van compensatie op grond van artikel 1, tweede lid, derde volzin, van het Besluit van 25 november 1996, kenmerk AD96/U1026, Staatscourant, 1996/233. De ambtenaar die op de datum van inwerkingtreding van deze regeling reeds compensatie spaart op grond van laatstgenoemd besluit, kan tot 1 januari 2007 blijven doorsparen en de gespaarde compensatie op of na die datum aaneengesloten opnemen.
2. De gespaarde compensatie kan aaneengesloten worden opgenomen binnen een jaar voorafgaande aan:
a. een ontslag uit een substantieel bezwarende functie;
b. een ontslag in verband met vervroegd uittreden als bedoeld in het Reglement Flexibel Pensioen en Uittreden;
c. een ontslag in verband met pensioen, mits de eerste dag van de opgenomen compensatie ligt vóór 1 januari 2007.
3. De waarde van de gespaarde compensatie kan op verzoek van de ambtenaar worden toegevoegd aan het spaartegoed op de verlofspaarrekening, tenzij het dienstbelang zich daartegen verzet.
4. De waarde van de gespaarde compensatie, bedoeld in het derde lid, wordt berekend op basis van het salaris per uur dat de ambtenaar geniet op de peildatum.
5. Aan de ambtenaar die de gespaarde compensatie opneemt bij het bereiken of bereikt hebben van de leeftijd van 62 jaar, wordt onmiddellijk aansluitend aan de periode van de opgenomen compensatie buitengewoon verlof met behoud van bezoldiging verleend. De duur van dit buitengewoon verlof is gelijk aan 25% van de opgenomen compensatie.
2. De gespaarde compensatie kan aaneengesloten worden opgenomen binnen een jaar voorafgaande aan:
a. een ontslag uit een substantieel bezwarende functie;
b. een ontslag in verband met vervroegd uittreden als bedoeld in het Reglement Flexibel Pensioen en Uittreden;
c. een ontslag in verband met pensioen, mits de eerste dag van de opgenomen compensatie ligt vóór 1 januari 2007.
3. De waarde van de gespaarde compensatie kan op verzoek van de ambtenaar worden toegevoegd aan het spaartegoed op de verlofspaarrekening, tenzij het dienstbelang zich daartegen verzet.
4. De waarde van de gespaarde compensatie, bedoeld in het derde lid, wordt berekend op basis van het salaris per uur dat de ambtenaar geniet op de peildatum.
5. Aan de ambtenaar die de gespaarde compensatie opneemt bij het bereiken of bereikt hebben van de leeftijd van 62 jaar, wordt onmiddellijk aansluitend aan de periode van de opgenomen compensatie buitengewoon verlof met behoud van bezoldiging verleend. De duur van dit buitengewoon verlof is gelijk aan 25% van de opgenomen compensatie.