BWBR0009230
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel § 35
Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst 1998
1. Indien het in artikel 37d Wet MB 1994genoemde feit wordt geconstateerd, is sprake van een verzuim. Ter zake van dat verzuim legt de inspecteur op grond van onderdeel b van dat artikel, een verzuimboete op van 50 procent van het wettelijk maximum van artikel 37d Wet MB 1994.
2. In uitzonderlijke gevallen kan een boete tot het maximum van a rtikel 37d Wet MB 1994worden opgelegd. Het aantal verzuimen dat wordt gerekend per houder van de motorrijtuigen die behoren tot het bedrijfsvoertuigenpark waarvoor een vergunning op grond van artikel 37b van de Wet MB 1994is verstrekt, kan bepalend zijn voor beantwoording van de vraag of sprake is van een uitzonderlijk geval.
3. Voor het bepalen van het aantal verzuimen van de houder worden slechts die verzuimen in aanmerking genomen, die betrekking hebben op de in deze paragraaf bedoelde verzuimen in de laatste twaalf maanden voorafgaande aan het verzuim waarop de boete betrekking heeft. Verzuimen als bedoeld in de paragrafen 33en 34van dit besluit worden hierin niet meegerekend.
4. De verzuimboete wordt opgelegd bij afzonderlijke boetebeschikking, dat wil zeggen zonder naheffing van de enkelvoudige belasting. De enkelvoudige belasting wordt betrokken in het al dan niet verlenen van een teruggaaf op grond van artikel 37a van de Wet MB 1994. De verzuimboete wordt opgelegd aan de houder van de motorrijtuigen die behoren tot het bedrijfsvoertuigenpark waarvoor een vergunning op grond van artikel 37b van de Wet MB 1994is verstrekt.
2. In uitzonderlijke gevallen kan een boete tot het maximum van a rtikel 37d Wet MB 1994worden opgelegd. Het aantal verzuimen dat wordt gerekend per houder van de motorrijtuigen die behoren tot het bedrijfsvoertuigenpark waarvoor een vergunning op grond van artikel 37b van de Wet MB 1994is verstrekt, kan bepalend zijn voor beantwoording van de vraag of sprake is van een uitzonderlijk geval.
3. Voor het bepalen van het aantal verzuimen van de houder worden slechts die verzuimen in aanmerking genomen, die betrekking hebben op de in deze paragraaf bedoelde verzuimen in de laatste twaalf maanden voorafgaande aan het verzuim waarop de boete betrekking heeft. Verzuimen als bedoeld in de paragrafen 33en 34van dit besluit worden hierin niet meegerekend.
4. De verzuimboete wordt opgelegd bij afzonderlijke boetebeschikking, dat wil zeggen zonder naheffing van de enkelvoudige belasting. De enkelvoudige belasting wordt betrokken in het al dan niet verlenen van een teruggaaf op grond van artikel 37a van de Wet MB 1994. De verzuimboete wordt opgelegd aan de houder van de motorrijtuigen die behoren tot het bedrijfsvoertuigenpark waarvoor een vergunning op grond van artikel 37b van de Wet MB 1994is verstrekt.