BWBR0005775
Geldig vanaf 1993-01-01
Artikel 51
Luchtverkeersreglement
1. Met uitzondering van het gestelde in het tweede lid is het - tenzij noodzakelijk om op te stijgen van of te landen op een luchthaven, naderings- en vertrekprocedures alsmede luchtverkeerspatronen uit te voeren - verboden een IFR-vlucht uit te voeren beneden de volgende minimum vlieghoogtes:
a. boven bergachtige gebieden: tenminste 600 m (2000 voet) boven de hoogste hindernis, gelegen binnen 8 km van de gegiste positie van het luchtvaartuig;
b. elders dan onder a. is aangegeven: tenminste 300 m (1000 voet) boven de hoogste hindernis gelegen binnen 8 km van de gegiste positie van het luchtvaartuig.
2. Bij regeling van Onze Minister kan met inachtneming van luchtverkeerstechnische aspecten vrijstelling worden verleend van het in het eerste lid gestelde verbod. Een vrijstelling kan onder beperkingen worden verleend.
3. Onze Minister kan met inachtneming van luchtverkeerstechnische aspecten ontheffing verlenen van het in het eerste lid gestelde verbod. Een ontheffing kan onder beperkingen worden verleend. Aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden.
4. Het is verboden te handelen in strijd met voorschriften als bedoeld in het derde lid.
a. boven bergachtige gebieden: tenminste 600 m (2000 voet) boven de hoogste hindernis, gelegen binnen 8 km van de gegiste positie van het luchtvaartuig;
b. elders dan onder a. is aangegeven: tenminste 300 m (1000 voet) boven de hoogste hindernis gelegen binnen 8 km van de gegiste positie van het luchtvaartuig.
2. Bij regeling van Onze Minister kan met inachtneming van luchtverkeerstechnische aspecten vrijstelling worden verleend van het in het eerste lid gestelde verbod. Een vrijstelling kan onder beperkingen worden verleend.
3. Onze Minister kan met inachtneming van luchtverkeerstechnische aspecten ontheffing verlenen van het in het eerste lid gestelde verbod. Een ontheffing kan onder beperkingen worden verleend. Aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden.
4. Het is verboden te handelen in strijd met voorschriften als bedoeld in het derde lid.