BWBR0005775
Geldig vanaf 1993-01-01
Artikel 36
Luchtverkeersreglement
1. Tijdens een gecontroleerde vlucht wordt zo spoedig mogelijk aan de betrokken verlener van luchtverkeersleidingsdiensten gemeld de tijd en de vlieghoogte waarop een verplicht meldingspunt is gepasseerd, te zamen met alle verder vereiste inlichtingen, tenzij de betrokken verlener van luchtverkeersleidingsdiensten anders bepaalt. Op gelijke wijze vinden positiemeldingen plaats met betrekking tot die punten die de betrokken verlener van luchtverkeersleidingsdiensten opgeeft.
2. Indien geen verplichte meldingspunten zijn vastgesteld, vinden positiemeldingen plaats telkens na het verstrijken van een tijdsverloop dat bij ministeriële regeling is vastgesteld, dan wel is opgegeven door de betrokken verlener van luchtverkeersleidingsdiensten.
3. Bij ministeriële regeling kunnen verplichte meldingspunten worden vastgesteld, alsmede omschakelpunten en het tijdsverloop telkens na het verstrijken waarvan positiemeldingen moeten plaatsvinden.
2. Indien geen verplichte meldingspunten zijn vastgesteld, vinden positiemeldingen plaats telkens na het verstrijken van een tijdsverloop dat bij ministeriële regeling is vastgesteld, dan wel is opgegeven door de betrokken verlener van luchtverkeersleidingsdiensten.
3. Bij ministeriële regeling kunnen verplichte meldingspunten worden vastgesteld, alsmede omschakelpunten en het tijdsverloop telkens na het verstrijken waarvan positiemeldingen moeten plaatsvinden.