BWBR0004866
Geldig vanaf 2000-01-01
Artikel 33
Besluit toezicht beleggingsinstellingen
1. In afwijking van artikel 32, eerste lid, mag de beleggingsinstelling tot ten hoogste vijfentwintig procent van haar activa beleggen in obligaties die worden uitgegeven door een kredietinstelling die haar zetel heeft in een Lid-Staat en die ingevolge de wet van die Staat is onderworpen aan een bijzonder overheidstoezicht met het oog op de bescherming van de houders van deze obligaties, mits de opbrengst van die obligaties overeenkomstig de toepasselijke wet wordt belegd in activa die gedurende de gehele looptijd van de obligaties voldoende dekking bieden voor de daaruit voortvloeiende verplichtingen en die bij een in gebreke blijven van de uitgevende instelling bij voorrang bestemd zijn voor de aflossing van de hoofdsom en betaling van de opgebouwde rente.
2. Indien een beleggingsinstelling meer dan vijf procent van haar activa belegt in de in het eerste lid bedoelde obligaties die door een zelfde instelling zijn uitgegeven, dient de totale waarde van deze beleggingen niet meer dan tachtig procent van de waarde van de activa van die uitgevende instelling te bedragen.
2. Indien een beleggingsinstelling meer dan vijf procent van haar activa belegt in de in het eerste lid bedoelde obligaties die door een zelfde instelling zijn uitgegeven, dient de totale waarde van deze beleggingen niet meer dan tachtig procent van de waarde van de activa van die uitgevende instelling te bedragen.