BWBR0004866
Geldig vanaf 2000-01-01
Artikel 19
Besluit toezicht beleggingsinstellingen
1. De beleggingsinstelling dient voor zover boek 2 van het Burgerlijk Wetboekniet reeds van toepassing is jaarlijks een jaarrekening en een jaarverslag van de beleggingsinstelling op te stellen. Na afloop van de eerste helft van het boekjaar dienen tevens de halfjaarcijfers van de beleggingsinstelling te worden opgemaakt.
2. Indien een beleggingsmaatschappij of een beleggingsfonds niet reeds aan de bepalingen van titel 9 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboekis onderworpen, zijn de zojuist vermelde bepalingen van overeenkomstige toepassing op de jaarrekening, de overige gegevens als bedoeld in artikel 392 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, en het jaarverslag.
3. De jaarrekening dient te zijn voorzien van een verklaring omtrent de getrouwheid, ondertekend door een accountant, aan wie de beleggingsinstelling de opdracht tot onderzoek van de jaarrekening heeft verstrekt. Deze verklaring dient in te houden dat de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de grootte en de samenstelling van het vermogen van de beleggingsinstelling en van het resultaat over het desbetreffende boekjaar.
2. Indien een beleggingsmaatschappij of een beleggingsfonds niet reeds aan de bepalingen van titel 9 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboekis onderworpen, zijn de zojuist vermelde bepalingen van overeenkomstige toepassing op de jaarrekening, de overige gegevens als bedoeld in artikel 392 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, en het jaarverslag.
3. De jaarrekening dient te zijn voorzien van een verklaring omtrent de getrouwheid, ondertekend door een accountant, aan wie de beleggingsinstelling de opdracht tot onderzoek van de jaarrekening heeft verstrekt. Deze verklaring dient in te houden dat de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de grootte en de samenstelling van het vermogen van de beleggingsinstelling en van het resultaat over het desbetreffende boekjaar.