BWBR0004866
Geldig vanaf 2000-01-01
Artikel 27
Besluit toezicht beleggingsinstellingen
1. Het is de beleggingsinstelling en de bewaarder die voor rekening van de beleggingsinstelling optreedt niet toegestaan als debiteur geldleningen aan te gaan.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op:
a. tijdelijke leningen die gezamenlijk niet meer bedragen dan tien procent van de activa van de beleggingsinstelling;
b. leningen voor het verwerven van onroerende goederen die rechtstreeks noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de werkzaamheden van de beleggingsmaatschappij en die gezamenlijk niet meer bedragen dan tien procent van haar activa, voor zover de omvang van deze geldleningen tezamen met de omvang van de onder a genoemde leningen niet meer bedraagt dan vijftien procent van haar activa;
c. leningen met als doel de verwerving van vreemde valuta waardoor de netto schuld van de beleggingsinstelling niet verandert of zal veranderen.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op:
a. tijdelijke leningen die gezamenlijk niet meer bedragen dan tien procent van de activa van de beleggingsinstelling;
b. leningen voor het verwerven van onroerende goederen die rechtstreeks noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de werkzaamheden van de beleggingsmaatschappij en die gezamenlijk niet meer bedragen dan tien procent van haar activa, voor zover de omvang van deze geldleningen tezamen met de omvang van de onder a genoemde leningen niet meer bedraagt dan vijftien procent van haar activa;
c. leningen met als doel de verwerving van vreemde valuta waardoor de netto schuld van de beleggingsinstelling niet verandert of zal veranderen.