BWBR0047415
Geldig vanaf 2022-11-03
Artikel 12
Subsidieregeling strategisch belangrijke onderzoeksprogramma’s (SBO)
1. Een op grond van deze regeling gesubsidieerd onderzoeksprogramma wordt uitgevoerd conform het ingediende onderzoeksplan en financieringsplan, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel a respectievelijk onderdeel b, met dien verstande dat:
a. met de uitvoering van het onderzoeksprogramma wordt gestart binnen twee maanden na de subsidieverlening; en
b. het onderzoeksprogramma wordt afgerond binnen vijf jaar na subsidieverlening.
2. De subsidieontvanger doet onverwijld schriftelijk mededeling aan de minister:
a. indien de subsidiabele activiteiten niet, niet tijdig of niet geheel zullen worden verricht dan wel met vertraging of essentiële wijzigingen kunnen worden verricht conform de wijze zoals omschreven in het onderzoeksplan, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel a;
b. indien de subsidiabele kosten meer dan 25% afwijken van: 1°. de liquiditeitsbegroting die voor het desbetreffende kalenderjaar is opgenomen in het financieringsplan, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, indien de verstrekte liquiditeitsbegroting, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, geen mijlpalen bevat; of
2°. de liquiditeitsbegroting die voor de mijlpalen in het desbetreffende kwartaal is opgenomen in het financieringsplan, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, indien de verstrekte liquiditeitsbegroting, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, mijlpalen bevat;
1°. de liquiditeitsbegroting die voor het desbetreffende kalenderjaar is opgenomen in het financieringsplan, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, indien de verstrekte liquiditeitsbegroting, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, geen mijlpalen bevat; of
2°. de liquiditeitsbegroting die voor de mijlpalen in het desbetreffende kwartaal is opgenomen in het financieringsplan, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, indien de verstrekte liquiditeitsbegroting, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, mijlpalen bevat;
c. indien niet, niet tijdig of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen of overige bij deze regeling gestelde regels zal worden voldaan;
d. op het moment waarop bij de rechtbank een verzoek is ingediend tot het op hem van toepassing verklaren van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen, tot verlening van surseance van betaling aan hem of tot faillietverklaring van hem.
3. De minister kan op voorafgaand verzoek van de subsidieontvanger ontheffing verlenen van de verplichtingen, bedoeld in het eerste lid, indien er sprake is van het vertragen of het essentieel wijzigen van de wijze van uitvoering van de activiteiten of de wijziging van de aanverwante subsidiabele kosten, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, respectievelijk onderdeel b, tenzij hierdoor afbreuk wordt gedaan aan de doelstellingen als omschreven in het onderzoeksplan, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel a.
4. Aan de ontheffing, bedoeld in het derde lid, kunnen voorschriften worden verbonden.
a. met de uitvoering van het onderzoeksprogramma wordt gestart binnen twee maanden na de subsidieverlening; en
b. het onderzoeksprogramma wordt afgerond binnen vijf jaar na subsidieverlening.
2. De subsidieontvanger doet onverwijld schriftelijk mededeling aan de minister:
a. indien de subsidiabele activiteiten niet, niet tijdig of niet geheel zullen worden verricht dan wel met vertraging of essentiële wijzigingen kunnen worden verricht conform de wijze zoals omschreven in het onderzoeksplan, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel a;
b. indien de subsidiabele kosten meer dan 25% afwijken van: 1°. de liquiditeitsbegroting die voor het desbetreffende kalenderjaar is opgenomen in het financieringsplan, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, indien de verstrekte liquiditeitsbegroting, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, geen mijlpalen bevat; of
2°. de liquiditeitsbegroting die voor de mijlpalen in het desbetreffende kwartaal is opgenomen in het financieringsplan, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, indien de verstrekte liquiditeitsbegroting, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, mijlpalen bevat;
1°. de liquiditeitsbegroting die voor het desbetreffende kalenderjaar is opgenomen in het financieringsplan, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, indien de verstrekte liquiditeitsbegroting, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, geen mijlpalen bevat; of
2°. de liquiditeitsbegroting die voor de mijlpalen in het desbetreffende kwartaal is opgenomen in het financieringsplan, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, indien de verstrekte liquiditeitsbegroting, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel b, mijlpalen bevat;
c. indien niet, niet tijdig of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen of overige bij deze regeling gestelde regels zal worden voldaan;
d. op het moment waarop bij de rechtbank een verzoek is ingediend tot het op hem van toepassing verklaren van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen, tot verlening van surseance van betaling aan hem of tot faillietverklaring van hem.
3. De minister kan op voorafgaand verzoek van de subsidieontvanger ontheffing verlenen van de verplichtingen, bedoeld in het eerste lid, indien er sprake is van het vertragen of het essentieel wijzigen van de wijze van uitvoering van de activiteiten of de wijziging van de aanverwante subsidiabele kosten, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, respectievelijk onderdeel b, tenzij hierdoor afbreuk wordt gedaan aan de doelstellingen als omschreven in het onderzoeksplan, bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdeel a.
4. Aan de ontheffing, bedoeld in het derde lid, kunnen voorschriften worden verbonden.