BWBR0045787
Geldig vanaf 2023-10-06
Artikel 4.22
Uitvoeringsbesluit WVO 2020
1. De examenkandidaat die in enig jaar is afgewezen voor het staatsexamen, heeft recht op herkansing in het derde tijdvak van dat jaar, mits de examenkandidaat daardoor alsnog kan slagen voor het staatsexamen.
2. Indien de examenkandidaat op grond van artikel 4.17, tweede lid, in de gelegenheid wordt gesteld in het derde tijdvak het centraal examen te voltooien, wordt het recht op herkansing uitgeoefend op een door het college te bepalen tijdstip.
3. Het recht op herkansing houdt in om voor twee door de examenkandidaat te kiezen vakken waarin hij dat jaar door het college is geëxamineerd, opnieuw deel te nemen aan:
a. het college-examen of onderdelen daarvan, in door het college vast te stellen onderdelen van het examenprogramma; en
b. het centraal examen.
2. Indien de examenkandidaat op grond van artikel 4.17, tweede lid, in de gelegenheid wordt gesteld in het derde tijdvak het centraal examen te voltooien, wordt het recht op herkansing uitgeoefend op een door het college te bepalen tijdstip.
3. Het recht op herkansing houdt in om voor twee door de examenkandidaat te kiezen vakken waarin hij dat jaar door het college is geëxamineerd, opnieuw deel te nemen aan:
a. het college-examen of onderdelen daarvan, in door het college vast te stellen onderdelen van het examenprogramma; en
b. het centraal examen.