BWBR0045787
Geldig vanaf 2023-10-06
Artikel 2.42
Uitvoeringsbesluit WVO 2020
1. Op de volgende dagen wordt geen onderwijs gegeven:
a. de zaterdag en de zondag, ingeval van een vijfdaagse schoolweek;
b. de zondag, ingeval van een zesdaagse schoolweek;
c. nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag en de beide Kerstdagen; en
d. Koningsdag en Bevrijdingsdag.
2. Het bevoegd gezag van een bijzondere school waar onderwijs wordt gegeven gebaseerd op een godsdienst of levensovertuiging, kan in plaats van of naast de feestdagen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, andere dagen die verband houden met deze godsdienst of levensovertuiging aanwijzen als feestdagen waarop geen onderwijs wordt gegeven.
3. Het bevoegd gezag wijst bij een zesdaagse schoolweek ten hoogste dertien extra dagen per schooljaar aan en bij een vijfdaagse schoolweek ten hoogste twaalf extra dagen per schooljaar aan waarop geen onderwijs wordt gegeven, waarvan ten hoogste zes dagen onmiddellijk aansluitend voor of na de zomervakantie die voor de school bij ministeriële regeling op grond van 2.39, vierde lid, van de wetis vastgesteld.
a. de zaterdag en de zondag, ingeval van een vijfdaagse schoolweek;
b. de zondag, ingeval van een zesdaagse schoolweek;
c. nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag en de beide Kerstdagen; en
d. Koningsdag en Bevrijdingsdag.
2. Het bevoegd gezag van een bijzondere school waar onderwijs wordt gegeven gebaseerd op een godsdienst of levensovertuiging, kan in plaats van of naast de feestdagen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, andere dagen die verband houden met deze godsdienst of levensovertuiging aanwijzen als feestdagen waarop geen onderwijs wordt gegeven.
3. Het bevoegd gezag wijst bij een zesdaagse schoolweek ten hoogste dertien extra dagen per schooljaar aan en bij een vijfdaagse schoolweek ten hoogste twaalf extra dagen per schooljaar aan waarop geen onderwijs wordt gegeven, waarvan ten hoogste zes dagen onmiddellijk aansluitend voor of na de zomervakantie die voor de school bij ministeriële regeling op grond van 2.39, vierde lid, van de wetis vastgesteld.