BWBR0045787
Geldig vanaf 2023-10-06
Artikel 4.15
Uitvoeringsbesluit WVO 2020
1. Het college draagt er zorg voor dat elk afzonderlijk gemaakte werk voor het centraal examen achtereenvolgens door twee door het college aan te wijzen correctoren wordt beoordeeld.
2. De correctoren kijken het werk onafhankelijk van elkaar na.
3. De corrector past bij zijn beoordeling de beoordelingsnormen, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, van de Wet College voor toetsen en examenstoe.
4. De corrector drukt zijn beoordeling uit in de score, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, van de Wet College voor toetsen en examens.
5. De corrector zendt de score en het beoordeelde werk aan het college.
6. Indien dit het college noodzakelijk voorkomt, wordt het oordeel van een derde corrector ingeroepen. Het tweede, derde en vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de derde corrector.
2. De correctoren kijken het werk onafhankelijk van elkaar na.
3. De corrector past bij zijn beoordeling de beoordelingsnormen, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, van de Wet College voor toetsen en examenstoe.
4. De corrector drukt zijn beoordeling uit in de score, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, van de Wet College voor toetsen en examens.
5. De corrector zendt de score en het beoordeelde werk aan het college.
6. Indien dit het college noodzakelijk voorkomt, wordt het oordeel van een derde corrector ingeroepen. Het tweede, derde en vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de derde corrector.