BWBR0043015
Geldig vanaf 2025-02-28
Artikel 2.24
SLIM-regeling
1. De minister doet verzoeken als bedoeld in artikel 7.4, eerste lid, van de Kaderregelingop basis van een steekproef voorafgaande aan het vaststellen van de subsidie.
2. Een samenwerkingsverband waaraan subsidie is verleend op grond van deze regeling dient door middel van een elektronisch formulier binnen 22 weken na afloop van de initiatiefperiode, bedoeld in artikel 2.13, derde lid, bij de minister een verzoek in tot vaststelling van de subsidie.
3. Het verzoek tot vaststelling gaat, onverminderd artikel 7.8 van de Kaderregeling, vergezeld van een evaluatieverslag als bedoeld in artikel 2.26.
4. Het activiteitenverslag en het financieel verslag, bedoeld in de Kaderregeling, worden opgesteld overeenkomstig het door de minister vastgestelde model.
5. In afwijking van artikel 1.1 van de Kaderregelingis het bij het opstellen van de controleverklaring in acht te nemen accountantsprotocol, genoemd in dat artikel, gepubliceerd op de website www.uitvoeringvanbeleidszw.nl.
6. Indien uit de beoordeling van het verzoek tot vaststelling blijkt, dat minder dan 60% van de totale subsidiabele kosten, genoemd in de laatst afgegeven beschikking tot subsidieverlening, is gerealiseerd, gaat de minister na of er aanleiding is om de subsidie lager of op nihil vast te stellen.
2. Een samenwerkingsverband waaraan subsidie is verleend op grond van deze regeling dient door middel van een elektronisch formulier binnen 22 weken na afloop van de initiatiefperiode, bedoeld in artikel 2.13, derde lid, bij de minister een verzoek in tot vaststelling van de subsidie.
3. Het verzoek tot vaststelling gaat, onverminderd artikel 7.8 van de Kaderregeling, vergezeld van een evaluatieverslag als bedoeld in artikel 2.26.
4. Het activiteitenverslag en het financieel verslag, bedoeld in de Kaderregeling, worden opgesteld overeenkomstig het door de minister vastgestelde model.
5. In afwijking van artikel 1.1 van de Kaderregelingis het bij het opstellen van de controleverklaring in acht te nemen accountantsprotocol, genoemd in dat artikel, gepubliceerd op de website www.uitvoeringvanbeleidszw.nl.
6. Indien uit de beoordeling van het verzoek tot vaststelling blijkt, dat minder dan 60% van de totale subsidiabele kosten, genoemd in de laatst afgegeven beschikking tot subsidieverlening, is gerealiseerd, gaat de minister na of er aanleiding is om de subsidie lager of op nihil vast te stellen.