BWBR0039769
Geldig vanaf 2017-07-14
Artikel 143
Regeling uitvoering GMO groenten en fruit 2017
1. De producentenorganisatie overlegt aan de minister, met gebruikmaking van een door de minister beschikbaar gesteld middel, voor de investeringen, bedoeld in artikel 142, uiterlijk bij de indiening van de steunaanvraag per investering:
a. een opgave van de verbetering van de waterkwaliteit, of
b. de gerealiseerde waterbesparing.
2. De opgave, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, vindt plaats aan de hand van berekeningen en metingen op basis van een vergelijking tussen het moment voor de ingebruikname van de investering en het moment één jaar na ingebruikname van de investering.
3. In geval van omgekeerde osmose als bedoeld in artikel 142, eerste lid, onderdeel a, overlegt de producentenorganisatie aan de minister bij de indiening van de steunaanvraag een opgave van de reductie van natrium en chloor in mmol/l of mg/l, op basis van een vergelijking tussen metingen uitgevoerd voor ingebruikname van de investering en één jaar na ingebruikname van de investering.
4. Het vaststellen van veranderingen in het waterverbruik, gemeten in m³, als gevolg van een investering als bedoeld in artikel 142, eerste lid, vindt plaats op basis van een vergelijking tussen:
a. het waterverbruik van het jaar voorafgaand aan het jaar van inbedrijfstelling van de investering, en
b. het waterverbruik gedurende het jaar: 1°. van ingebruikname van de investering, of
2°. volgend op het jaar van ingebruikname, in geval van inbedrijfstelling tijdens het teeltseizoen.
1°. van ingebruikname van de investering, of
2°. volgend op het jaar van ingebruikname, in geval van inbedrijfstelling tijdens het teeltseizoen.
a. een opgave van de verbetering van de waterkwaliteit, of
b. de gerealiseerde waterbesparing.
2. De opgave, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, vindt plaats aan de hand van berekeningen en metingen op basis van een vergelijking tussen het moment voor de ingebruikname van de investering en het moment één jaar na ingebruikname van de investering.
3. In geval van omgekeerde osmose als bedoeld in artikel 142, eerste lid, onderdeel a, overlegt de producentenorganisatie aan de minister bij de indiening van de steunaanvraag een opgave van de reductie van natrium en chloor in mmol/l of mg/l, op basis van een vergelijking tussen metingen uitgevoerd voor ingebruikname van de investering en één jaar na ingebruikname van de investering.
4. Het vaststellen van veranderingen in het waterverbruik, gemeten in m³, als gevolg van een investering als bedoeld in artikel 142, eerste lid, vindt plaats op basis van een vergelijking tussen:
a. het waterverbruik van het jaar voorafgaand aan het jaar van inbedrijfstelling van de investering, en
b. het waterverbruik gedurende het jaar: 1°. van ingebruikname van de investering, of
2°. volgend op het jaar van ingebruikname, in geval van inbedrijfstelling tijdens het teeltseizoen.
1°. van ingebruikname van de investering, of
2°. volgend op het jaar van ingebruikname, in geval van inbedrijfstelling tijdens het teeltseizoen.