BWBR0019283
Geldig vanaf 2006-01-01
Artikel 26
Besluit financiële dienstverlening
1. Een financiële dienstverlener verstrekt de krachtens de <a href="/wet/BWBR0018329/artikel/33" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 33</a>en <a href="/wet/BWBR0018329/artikel/34" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">34 van de wet</a>en dit hoofdstuk, aan de consument te verstrekken informatie schriftelijk, tenzij hiervan in dit hoofdstuk wordt afgeweken. Een financiële dienstverlener kan de informatie via een andere duurzame drager verstrekken, indien hij zich ervan heeft vergewist dat de consument over de benodigde middelen beschikt om kennis te nemen van de aldus te verstrekken informatie.
2. Een financiële dienstverlener verstrekt de informatie, bedoeld in het eerste lid, alsmede de informatie, bedoeld in artikel 43, in de Nederlandse taal. De informatie kan in een andere taal worden verstrekt:
a. indien de consument daarom verzoekt en de financiële dienstverlener hiermee heeft ingestemd;
b. indien partijen een keuze hebben gemaakt voor de toepasselijkheid op de overeenkomst inzake een financieel product van het recht van een andere staat; of
c. op verzoek van een beheerder of beleggingsinstelling als bedoeld in artikel 12, eerste lid, of artikel 17c, eerste lid, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen, indien het informatie, bedoeld in artikel 39, tweede lid, betreft en de toezichthouder hiermee instemt.
2. Een financiële dienstverlener verstrekt de informatie, bedoeld in het eerste lid, alsmede de informatie, bedoeld in artikel 43, in de Nederlandse taal. De informatie kan in een andere taal worden verstrekt:
a. indien de consument daarom verzoekt en de financiële dienstverlener hiermee heeft ingestemd;
b. indien partijen een keuze hebben gemaakt voor de toepasselijkheid op de overeenkomst inzake een financieel product van het recht van een andere staat; of
c. op verzoek van een beheerder of beleggingsinstelling als bedoeld in artikel 12, eerste lid, of artikel 17c, eerste lid, van de Wet toezicht beleggingsinstellingen, indien het informatie, bedoeld in artikel 39, tweede lid, betreft en de toezichthouder hiermee instemt.