BWBR0018516
Geldig vanaf 2007-01-01
Artikel 9a
Uitvoeringsregeling brede doeluitkering sociaal, integratie en veiligheid
1. Het aandeel van de gemeente in de middelen voor inburgering, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0018238/artikel/4" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 4, eerste lid, onderdeel Q, van het Besluit</a>, voor de jaren 2007, 2008 en 2009 wordt bepaald volgens de formule { ( [ A × B ] + [ C × D ] + [ E × F ] + [ G × H ] + [ I × J ] + [ K × L ] + [ M × N ] + [ O × P ] + [ Q × R ] + [ S x T ] ) × U } + V + W.
In deze formule is
A: het aantal inburgeringsplichtigen en inburgeraars ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders voor de eerste keer een inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld;
B: de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de inburgeringsvoorziening, bedoeld in letter A;
C: het aantal inburgeringsplichtigen en inburgeraars ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders voor de eerste keer een gecombineerde inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld;
D: de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de gecombineerde inburgeringsvoorziening, bedoeld in letter C;
E: het aantal inburgeringsplichtigen aan wie het college van burgemeester en wethouders een handhavingsbeschikking bekend heeft gemaakt, dan wel een kennisgeving heeft verstrekt;
F: de bijdragevergoeding ten aanzien van de bekendmaking van een handhavingsbeschikking en de verstrekking van een kennisgeving;
G: het aantal geestelijke bedienaren ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders voor de eerste keer een inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld;
H: de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de inburgeringsvoorziening voor geestelijke bedienaren;
I: het aantal in de letter A bedoelde inburgeringsplichtigen en inburgeraars ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders een inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld en dat heeft deelgenomen aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen;
J: de bijdragevergoeding ten aanzien van de deelname aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen, bedoeld in letter I;
K: het aantal in de letter C bedoelde inburgeringsplichtigen en inburgeraars ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders een gecombineerde inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld en dat heeft deelgenomen aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen;
L: de bijdragevergoeding ten aanzien van de deelname aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen, bedoeld in letter K;
M: het aantal geestelijke bedienaren dat heeft deelgenomen aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen;
N: de bijdragevergoeding ten aanzien van de deelname aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen, bedoeld in letter M;
O: het aantal geestelijke bedienaren dat heeft deelgenomen aan het aanvullende praktijkdeel van het inburgeringsexamen of het staatsexamen, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0020674/artikel/3.8" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3.8 van het Besluit inburgering</a>zoals dit luidde op 31 december 2012;
P: de bijdragevergoeding ten aanzien van de deelname aan het aanvullende praktijkdeel van het inburgeringsexamen of het staatsexamen, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0020674/artikel/3.8" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3.8 van het Besluit inburgering</a>zoals dit luidde op 31 december 2012;
Q: het aantal door het college van burgemeester en wethouders in 2007 op grond van de <a href="/wet/BWBR0009544" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet inburgering nieuwkomers</a>, zoals die luidde op 31 december 2006, genomen beschikkingen omtrent een inburgeringsprogramma;
R: de bijdragevergoeding ten aanzien van een beschikking omtrent een inburgeringsprogramma als bedoeld in letter Q;
S: het aantal door het college van burgemeester en wethouders in 2007 en 2008 ontvangen afschriften van door het bevoegd gezag van een instelling ingevolge de <a href="/wet/BWBR0009544" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet inburgering nieuwkomers</a>, zoals die luidde op 31 december 2006, uitgereikte verklaringen als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0007625/artikel/7.4.15" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7.4.15, eerste lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs</a>, zoals dat artikel luidde op 31 december 2006, die betrekking hebben op in 2006 en 2007 aangevangen inburgeringsprogramma’s;
T: de bijdragevergoeding ten aanzien van een verklaring als bedoeld in letter S;
U: de door de Minister vast te stellen correctiefactor;
V: het bedrag, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0018238/artikel/9" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 9, vierde lid, onderdeel a, onder 2° van het Besluit</a>;
W: het bedrag, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0018238/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7, eerste lid, onderdeel o, onder 4°, van het Besluit</a>.
2. Het aandeel van de gemeente in de middelen voor inburgering, bedoeld in het eerste lid, aanhef, wordt voor de jaren 2008 en 2009 verhoogd met de uitkomst van de formule [X x Y]+ [Z x AA], in welke formule voorstelt:
a. X: het aantal inburgeringsplichtigen en inburgeraars ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders voor de eerste keer een duale inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld;
b. Y: de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de duale inburgeringsvoorziening, bedoeld in letter X;
c. Z:het aantal inburgeringsplichtigen en inburgeraars ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders na 1 september 2008 voor de eerste keer een taalkennisvoorziening heeft vastgesteld, en
d. AA: de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de taalkennisvoorziening, bedoeld in letter Z.
3. Het aandeel van de gemeente in de middelen voor inburgering, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0018238/artikel/4" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 4, eerste lid, onderdeel R, van het Besluit</a>, voor de jaren 2008 en 2009 wordt bepaald volgens de formule ( A × B) + ( C × D)+ (E x F)+ (G x H).
In deze formule is
A. het aantal inburgeringsplichtigen, bedoeld in het besluit van de Staatssecretaris van Justitie van 12 juni 2007, nr. 2007/11, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000, aan wie geen persoonsvolgend budget is verstrekt, ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders voor de eerste keer een inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld;
B. de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de inburgeringsvoorziening, bedoeld in letter A;
C. het aantal in de letter A bedoelde inburgeringsplichtigen dat binnen drie kalenderjaren nadat voor hen de inburgeringsvoorziening is vastgesteld, heeft deelgenomen aan het inburgeringsexamen;
D. de bijdragevergoeding ten aanzien van de deelname aan het inburgeringsexamen;
E. het aantal inburgeringsplichtigen, bedoeld in het besluit van de Staatssecretaris van Justitie van 12 juni 2007, nr. 2007/11, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000, aan wie geen persoonsvolgend budget is verstrekt, ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders voor de eerste keer een duale inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld;
F. de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de duale inburgeringsvoorziening, bedoeld in letter E;
G. het aantal inburgeringsplichtigen, bedoeld in het besluit van de Staatssecretaris van Justitie van 12 juni 2007, nr. 2007/11, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000, aan wie geen persoonsvolgend budget is verstrekt, ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders na 1 september 2008 voor de eerste keer een taalkennisvoorziening heeft vastgesteld, en
H. de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de taalkennisvoorziening, bedoeld in letter G.
4. Bij het vaststellen van het programmadeel als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0018238/artikel/27" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 27, eerste lid, van het Besluit</a>, wordt bij de berekening van het aandeel, bedoeld in het eerste en tweede lid van dit artikel, uitgegaan van de door de gemeente gerealiseerde aantallen, bedoeld in de letters A, C, E, G, I, K, M, O, Q en S van het eerste lid, X en Z van het tweede lid, respectievelijk de letters A, C, E en G van het derde lid.
In deze formule is
A: het aantal inburgeringsplichtigen en inburgeraars ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders voor de eerste keer een inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld;
B: de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de inburgeringsvoorziening, bedoeld in letter A;
C: het aantal inburgeringsplichtigen en inburgeraars ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders voor de eerste keer een gecombineerde inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld;
D: de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de gecombineerde inburgeringsvoorziening, bedoeld in letter C;
E: het aantal inburgeringsplichtigen aan wie het college van burgemeester en wethouders een handhavingsbeschikking bekend heeft gemaakt, dan wel een kennisgeving heeft verstrekt;
F: de bijdragevergoeding ten aanzien van de bekendmaking van een handhavingsbeschikking en de verstrekking van een kennisgeving;
G: het aantal geestelijke bedienaren ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders voor de eerste keer een inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld;
H: de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de inburgeringsvoorziening voor geestelijke bedienaren;
I: het aantal in de letter A bedoelde inburgeringsplichtigen en inburgeraars ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders een inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld en dat heeft deelgenomen aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen;
J: de bijdragevergoeding ten aanzien van de deelname aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen, bedoeld in letter I;
K: het aantal in de letter C bedoelde inburgeringsplichtigen en inburgeraars ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders een gecombineerde inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld en dat heeft deelgenomen aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen;
L: de bijdragevergoeding ten aanzien van de deelname aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen, bedoeld in letter K;
M: het aantal geestelijke bedienaren dat heeft deelgenomen aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen;
N: de bijdragevergoeding ten aanzien van de deelname aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen, bedoeld in letter M;
O: het aantal geestelijke bedienaren dat heeft deelgenomen aan het aanvullende praktijkdeel van het inburgeringsexamen of het staatsexamen, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0020674/artikel/3.8" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3.8 van het Besluit inburgering</a>zoals dit luidde op 31 december 2012;
P: de bijdragevergoeding ten aanzien van de deelname aan het aanvullende praktijkdeel van het inburgeringsexamen of het staatsexamen, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0020674/artikel/3.8" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3.8 van het Besluit inburgering</a>zoals dit luidde op 31 december 2012;
Q: het aantal door het college van burgemeester en wethouders in 2007 op grond van de <a href="/wet/BWBR0009544" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet inburgering nieuwkomers</a>, zoals die luidde op 31 december 2006, genomen beschikkingen omtrent een inburgeringsprogramma;
R: de bijdragevergoeding ten aanzien van een beschikking omtrent een inburgeringsprogramma als bedoeld in letter Q;
S: het aantal door het college van burgemeester en wethouders in 2007 en 2008 ontvangen afschriften van door het bevoegd gezag van een instelling ingevolge de <a href="/wet/BWBR0009544" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet inburgering nieuwkomers</a>, zoals die luidde op 31 december 2006, uitgereikte verklaringen als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0007625/artikel/7.4.15" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7.4.15, eerste lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs</a>, zoals dat artikel luidde op 31 december 2006, die betrekking hebben op in 2006 en 2007 aangevangen inburgeringsprogramma’s;
T: de bijdragevergoeding ten aanzien van een verklaring als bedoeld in letter S;
U: de door de Minister vast te stellen correctiefactor;
V: het bedrag, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0018238/artikel/9" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 9, vierde lid, onderdeel a, onder 2° van het Besluit</a>;
W: het bedrag, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0018238/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7, eerste lid, onderdeel o, onder 4°, van het Besluit</a>.
2. Het aandeel van de gemeente in de middelen voor inburgering, bedoeld in het eerste lid, aanhef, wordt voor de jaren 2008 en 2009 verhoogd met de uitkomst van de formule [X x Y]+ [Z x AA], in welke formule voorstelt:
a. X: het aantal inburgeringsplichtigen en inburgeraars ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders voor de eerste keer een duale inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld;
b. Y: de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de duale inburgeringsvoorziening, bedoeld in letter X;
c. Z:het aantal inburgeringsplichtigen en inburgeraars ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders na 1 september 2008 voor de eerste keer een taalkennisvoorziening heeft vastgesteld, en
d. AA: de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de taalkennisvoorziening, bedoeld in letter Z.
3. Het aandeel van de gemeente in de middelen voor inburgering, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0018238/artikel/4" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 4, eerste lid, onderdeel R, van het Besluit</a>, voor de jaren 2008 en 2009 wordt bepaald volgens de formule ( A × B) + ( C × D)+ (E x F)+ (G x H).
In deze formule is
A. het aantal inburgeringsplichtigen, bedoeld in het besluit van de Staatssecretaris van Justitie van 12 juni 2007, nr. 2007/11, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000, aan wie geen persoonsvolgend budget is verstrekt, ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders voor de eerste keer een inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld;
B. de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de inburgeringsvoorziening, bedoeld in letter A;
C. het aantal in de letter A bedoelde inburgeringsplichtigen dat binnen drie kalenderjaren nadat voor hen de inburgeringsvoorziening is vastgesteld, heeft deelgenomen aan het inburgeringsexamen;
D. de bijdragevergoeding ten aanzien van de deelname aan het inburgeringsexamen;
E. het aantal inburgeringsplichtigen, bedoeld in het besluit van de Staatssecretaris van Justitie van 12 juni 2007, nr. 2007/11, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000, aan wie geen persoonsvolgend budget is verstrekt, ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders voor de eerste keer een duale inburgeringsvoorziening heeft vastgesteld;
F. de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de duale inburgeringsvoorziening, bedoeld in letter E;
G. het aantal inburgeringsplichtigen, bedoeld in het besluit van de Staatssecretaris van Justitie van 12 juni 2007, nr. 2007/11, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000, aan wie geen persoonsvolgend budget is verstrekt, ten behoeve van wie het college van burgemeester en wethouders na 1 september 2008 voor de eerste keer een taalkennisvoorziening heeft vastgesteld, en
H. de bijdragevergoeding ten aanzien van de vaststelling van de taalkennisvoorziening, bedoeld in letter G.
4. Bij het vaststellen van het programmadeel als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0018238/artikel/27" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 27, eerste lid, van het Besluit</a>, wordt bij de berekening van het aandeel, bedoeld in het eerste en tweede lid van dit artikel, uitgegaan van de door de gemeente gerealiseerde aantallen, bedoeld in de letters A, C, E, G, I, K, M, O, Q en S van het eerste lid, X en Z van het tweede lid, respectievelijk de letters A, C, E en G van het derde lid.