BWBR0018516
Geldig vanaf 2007-01-01
Artikel 13b
Uitvoeringsregeling brede doeluitkering sociaal, integratie en veiligheid
1. Het college van burgemeester en wethouders kan aan een inburgeraar een inburgeringsvoorziening, een gecombineerde inburgeringsvoorziening of, indien de inburgeraar een beroepsopleiding als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0007625/artikel/7.2.2" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7.2.2, eerste lid, onderdelen a en b, van de Wet educatie en beroepsonderwijs</a>volgt of zal volgen, een taalkennisvoorziening aanbieden die op de persoonlijke situatie van de inburgeraar is afgestemd. Indien de inburgeraar daarom verzoekt, kan de inburgeringsvoorziening, de inburgeringscomponent van de gecombineerde inburgeringsvoorziening of de taalkennisvoorziening worden aangeboden in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget.
2. Zowel een inburgeringsvoorziening als een gecombineerde inburgeringsvoorziening bereidt voor op en leidt toe naar het inburgeringsexamen of het staatsexamen en omvat het eenmaal kosteloos afleggen van het desbetreffende examen.
3. Het college van burgemeester en wethouders draagt er zorg voor dat de inburgeringsvoorziening, dan wel de gecombineerde inburgeringsvoorziening, uiterlijk 31 december van het tweede kalenderjaar na het jaar waarin de voorziening is vastgesteld, wordt afgesloten door middel van deelname aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen.
4. De inburgeraar is de in <a href="/wet/BWBR0020611/artikel/23" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 23, tweede lid, van de wet</a>bedoelde eigen bijdrage verschuldigd, tenzij hij op last van het college van burgemeester en wethouders, dan wel een andere instantie, genoemd in <a href="/wet/BWBR0020611/artikel/21" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 21, tweede lid, van de wet</a>, een gecombineerde inburgeringsvoorziening dient te volgen.
2. Zowel een inburgeringsvoorziening als een gecombineerde inburgeringsvoorziening bereidt voor op en leidt toe naar het inburgeringsexamen of het staatsexamen en omvat het eenmaal kosteloos afleggen van het desbetreffende examen.
3. Het college van burgemeester en wethouders draagt er zorg voor dat de inburgeringsvoorziening, dan wel de gecombineerde inburgeringsvoorziening, uiterlijk 31 december van het tweede kalenderjaar na het jaar waarin de voorziening is vastgesteld, wordt afgesloten door middel van deelname aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen.
4. De inburgeraar is de in <a href="/wet/BWBR0020611/artikel/23" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 23, tweede lid, van de wet</a>bedoelde eigen bijdrage verschuldigd, tenzij hij op last van het college van burgemeester en wethouders, dan wel een andere instantie, genoemd in <a href="/wet/BWBR0020611/artikel/21" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 21, tweede lid, van de wet</a>, een gecombineerde inburgeringsvoorziening dient te volgen.