BWBR0017625
Geldig vanaf 2005-01-01
Artikel 26
Besluit spoorwegpersoneel
1. Personen die een veiligheidsfunctie uitoefenen voldoen aan de bij ministeriële regeling voor de betrokken functie vastgestelde eisen betreffende:
a. gezichtsvermogen;
b. gehoorvermogen;
c. vermogen tot reageren en handelen;
d. geestesvermogens, in het bijzonder het beoordelingsvermogen;
e. gebruik van stoffen die het gezichtsvermogen, het vermogen tot reageren en handelen en het beoordelingsvermogen kunnen beïnvloeden.
2. Het eerste lid geldt niet voor:
a. machinisten met minimale bevoegdheid en rangeerders met minimale bevoegdheid;
b. wagencontroleurs;
c. machinisten en rangeerders, in dienst van een in het buitenland gevestigde spoorwegonderneming, die hun standplaats hebben in het buitenland, mits zij voldoen aan de in het land van hun standplaats geldende eisen betreffende de voor uitoefening van hun functie vereiste medische geschiktheid;
d. werktreinbegeleiders, die hun functie hoofdzakelijk in het buitenland uitoefenen, wanneer zij incidenteel hun functie in Nederland uitoefenen en mits zij voldoen aan de in het buitenland geldende eisen betreffende de voor de uitoefening van hun functie vereiste medische geschiktheid.
a. gezichtsvermogen;
b. gehoorvermogen;
c. vermogen tot reageren en handelen;
d. geestesvermogens, in het bijzonder het beoordelingsvermogen;
e. gebruik van stoffen die het gezichtsvermogen, het vermogen tot reageren en handelen en het beoordelingsvermogen kunnen beïnvloeden.
2. Het eerste lid geldt niet voor:
a. machinisten met minimale bevoegdheid en rangeerders met minimale bevoegdheid;
b. wagencontroleurs;
c. machinisten en rangeerders, in dienst van een in het buitenland gevestigde spoorwegonderneming, die hun standplaats hebben in het buitenland, mits zij voldoen aan de in het land van hun standplaats geldende eisen betreffende de voor uitoefening van hun functie vereiste medische geschiktheid;
d. werktreinbegeleiders, die hun functie hoofdzakelijk in het buitenland uitoefenen, wanneer zij incidenteel hun functie in Nederland uitoefenen en mits zij voldoen aan de in het buitenland geldende eisen betreffende de voor de uitoefening van hun functie vereiste medische geschiktheid.