BWBR0017625
Geldig vanaf 2005-01-01
Artikel 21
Besluit spoorwegpersoneel
1. Tot het praktijkgedeelte van het onderzoek van machinisten met volledige of beperkte bevoegdheid worden slechts toegelaten personen die beschikken over een praktijkervaring van ten minste veertig dagen, opgedaan tijdens een praktijkprogramma waarvan inhoud en uitvoering voldoen aan de bij ministeriële regeling vastgestelde regels.
2. De duur van de praktijkervaring, bedoeld in het eerste lid, mag worden verkort tot twintig dagen, indien wordt voldaan aan de bij ministeriële regeling vastgestelde voorwaarden met betrekking tot materieeltype, treinsamenstelling, traject en rijsnelheid.
3. Aan het praktijkprogramma, bedoeld in het eerste lid, mag slechts worden deelgenomen door personen die de in artikel 12voor de uitoefening van de betrokken veiligheidsfunctie genoemde minimumleeftijd hebben bereikt.
2. De duur van de praktijkervaring, bedoeld in het eerste lid, mag worden verkort tot twintig dagen, indien wordt voldaan aan de bij ministeriële regeling vastgestelde voorwaarden met betrekking tot materieeltype, treinsamenstelling, traject en rijsnelheid.
3. Aan het praktijkprogramma, bedoeld in het eerste lid, mag slechts worden deelgenomen door personen die de in artikel 12voor de uitoefening van de betrokken veiligheidsfunctie genoemde minimumleeftijd hebben bereikt.