BWBR0014468
Geldig vanaf 2023-07-01
Artikel 6.2.14
Mijnbouwregeling
1. Een noodkrachtbron kan onder alle omstandigheden gedurende tenminste zes uur het volledig benodigde vermogen leveren, ook indien de voorgeschreven communicatiemiddelen, de noodverlichting en het geluidssignaal, bedoeld in artikel 6.2.12, gelijktijdig in werking zijn, uitgaande van een zend/ontvangverhouding van 1:1.
2. Een noodkrachtbron en de daarbij behorende schakel- en verdeelinrichtingen zijn zo aangelegd dat bij het uitvallen van de overige krachtbronnen op de mijnbouwinstallatie de in deze paragraaf voorgeschreven communicatiemiddelen, de noodverlichting en het geluidssignaal, bedoeld in artikel 6.2.12, naar behoren kunnen blijven functioneren.
3. De normale krachtbron en de noodkrachtbron zijn elektrisch van elkaar gescheiden of kunnen op een eenvoudige wijze van elkaar worden gescheiden. Het niet naar behoren functioneren van de normale krachtbron heeft geen invloed op de beschikbaarheid van de noodkrachtbron.
2. Een noodkrachtbron en de daarbij behorende schakel- en verdeelinrichtingen zijn zo aangelegd dat bij het uitvallen van de overige krachtbronnen op de mijnbouwinstallatie de in deze paragraaf voorgeschreven communicatiemiddelen, de noodverlichting en het geluidssignaal, bedoeld in artikel 6.2.12, naar behoren kunnen blijven functioneren.
3. De normale krachtbron en de noodkrachtbron zijn elektrisch van elkaar gescheiden of kunnen op een eenvoudige wijze van elkaar worden gescheiden. Het niet naar behoren functioneren van de normale krachtbron heeft geen invloed op de beschikbaarheid van de noodkrachtbron.