BWBR0014468
Geldig vanaf 2023-07-01
Artikel 1.3.4
Mijnbouwregeling
1. Bij de aanvraag om een opslagvergunning als bedoeld in artikel 25 van de wetverstrekt de aanvrager gegevens omtrent:
a. het tijdvak waarvoor de vergunning wordt gevraagd;
b. het gebied waarvoor de vergunning wordt gevraagd, en
c. de stoffen waarop de aanvraag betrekking heeft.
2. Artikel 1.3.1, tweede lid, onderdelen a en b, en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
3. Bij de aanvraag verstrekt de aanvrager tevens:
a. een programma waarin de te verrichten opslagactiviteiten worden beschreven, alsmede de technieken die daarbij worden gebruikt;
b. een kaart van de ondergrond waar opslag plaatsvindt;
c. een beschrijving van de risico's voor de veiligheid, en
d. de mogelijkheid van winning van voorkomens van delfstoffen of aardwarmte in het gebied.
a. het tijdvak waarvoor de vergunning wordt gevraagd;
b. het gebied waarvoor de vergunning wordt gevraagd, en
c. de stoffen waarop de aanvraag betrekking heeft.
2. Artikel 1.3.1, tweede lid, onderdelen a en b, en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
3. Bij de aanvraag verstrekt de aanvrager tevens:
a. een programma waarin de te verrichten opslagactiviteiten worden beschreven, alsmede de technieken die daarbij worden gebruikt;
b. een kaart van de ondergrond waar opslag plaatsvindt;
c. een beschrijving van de risico's voor de veiligheid, en
d. de mogelijkheid van winning van voorkomens van delfstoffen of aardwarmte in het gebied.