BWBR0009705
Geldig vanaf 1998-09-01
Artikel 2
Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij
1. Met betrekking tot een daartoe aangemeld bedrijf, niet zijnde een bedrijf als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0009542/artikel/8" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 8, eerste of vierde lid, van de wet</a>, of een door samenvoeging ontstaan bedrijf als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0009542/artikel/11" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 11, zesde lid, van de wet</a>, wordt met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van <a href="/wet/BWBR0009542/artikel/15" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 15 van de wet</a>de hoogte van het varkensrecht en het fokzeugenrecht bepaald overeenkomstig de hoofdstukken 1, 2en 4van dit besluit, onder de in dit besluit geregelde voorwaarden en beperkingen. Ten aanzien van dit bedrijf wordt het grondgebonden deel van het varkensrecht, onderscheidenlijk fokzeugenrecht, bepaald overeenkomstig <a href="/wet/BWBR0009542/artikel/1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1, onderdeel o, onderscheidenlijk p, van de wet</a>, tenzij in dit besluit anders is bepaald.
2. Ten aanzien van een bedrijf als bedoeld in het eerste lid blijven, tenzij in dit besluit anders is bepaald, <a href="/wet/BWBR0009542" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">hoofdstuk II van de wet</a>en <a href="/wet/BWBR0004054/artikel/55a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 55a van de Meststoffenwet</a>buiten toepassing.
3. De belanghebbende doet de in het eerste lid bedoelde melding binnen zes weken na inwerkingtreding van dit besluit bij het Bureau Heffingen, met gebruikmaking van een daartoe door Onze Minister vastgesteld formulier, dat overeenkomstig de op het formulier aangegeven wijze volledig en naar waarheid is ingevuld en door de belanghebbende is ondertekend. Bij gebreke van een overeenkomstig de eerste volzingedane melding worden de hoofdstukken 1, 2en 4van dit besluit ten aanzien van het desbetreffende bedrijf van de belanghebbende niet toegepast.
4. Een belanghebbende kan de in het eerste lid bedoelde melding slechts doen ten aanzien van één van de paragrafen 1 tot en met 7C van hoofdstuk 2, tenzij in dat hoofdstuk anders is bepaald.
5. Indien een belanghebbende behalve de melding, bedoeld in het eerste lid, tevens een melding heeft gedaan als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0009542/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 7 tot en met 11</a>en <a href="/wet/BWBR0009542/artikel/14" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">14 van de wet</a>, wordt ingeval van meldingen die naar hun inhoud tegenstrijdig zijn, slechts de op grond van dit besluit gedane melding in aanmerking genomen.
6. Een melding op grond van de <a href="/wet/BWBR0009542/artikel/9" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 9</a>en <a href="/wet/BWBR0009542/artikel/10" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">10 van de wet</a>geldt ten aanzien van paragraaf 6 van hoofdstuk 2tevens als een melding op grond van dit besluit.
2. Ten aanzien van een bedrijf als bedoeld in het eerste lid blijven, tenzij in dit besluit anders is bepaald, <a href="/wet/BWBR0009542" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">hoofdstuk II van de wet</a>en <a href="/wet/BWBR0004054/artikel/55a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 55a van de Meststoffenwet</a>buiten toepassing.
3. De belanghebbende doet de in het eerste lid bedoelde melding binnen zes weken na inwerkingtreding van dit besluit bij het Bureau Heffingen, met gebruikmaking van een daartoe door Onze Minister vastgesteld formulier, dat overeenkomstig de op het formulier aangegeven wijze volledig en naar waarheid is ingevuld en door de belanghebbende is ondertekend. Bij gebreke van een overeenkomstig de eerste volzingedane melding worden de hoofdstukken 1, 2en 4van dit besluit ten aanzien van het desbetreffende bedrijf van de belanghebbende niet toegepast.
4. Een belanghebbende kan de in het eerste lid bedoelde melding slechts doen ten aanzien van één van de paragrafen 1 tot en met 7C van hoofdstuk 2, tenzij in dat hoofdstuk anders is bepaald.
5. Indien een belanghebbende behalve de melding, bedoeld in het eerste lid, tevens een melding heeft gedaan als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0009542/artikel/7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 7 tot en met 11</a>en <a href="/wet/BWBR0009542/artikel/14" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">14 van de wet</a>, wordt ingeval van meldingen die naar hun inhoud tegenstrijdig zijn, slechts de op grond van dit besluit gedane melding in aanmerking genomen.
6. Een melding op grond van de <a href="/wet/BWBR0009542/artikel/9" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 9</a>en <a href="/wet/BWBR0009542/artikel/10" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">10 van de wet</a>geldt ten aanzien van paragraaf 6 van hoofdstuk 2tevens als een melding op grond van dit besluit.