BWBR0006624
Geldig vanaf 2000-01-01
Artikel 12
Besluit vrijgestelde onderlinge waarborgmaatschappijen 1994
1. De intrekking van een verklaring verplicht de onderlinge waarborgmaatschappij haar bedrijf af te wikkelen, tenzij de intrekking gepaard gaat met de verlening van een andere verklaring ingevolge dit besluit of met de verlening van een vergunning als bedoeld in artikel 24, eerste lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993.
2. Op de onderlinge waarborgmaatschappij die ingevolge het eerste lid verplicht is haar bedrijf af te wikkelen, blijven de bepalingen van dit besluit van toepassing.
3. Gedurende de afwikkeling mag zonder toestemming van de Pensioen- & Verzekeringskamer geen wijziging worden gebracht in de verplichting van de leden om bij te dragen in de tekorten dan wel in de mogelijkheid de schadevergoedingsplicht te beperken.
2. Op de onderlinge waarborgmaatschappij die ingevolge het eerste lid verplicht is haar bedrijf af te wikkelen, blijven de bepalingen van dit besluit van toepassing.
3. Gedurende de afwikkeling mag zonder toestemming van de Pensioen- & Verzekeringskamer geen wijziging worden gebracht in de verplichting van de leden om bij te dragen in de tekorten dan wel in de mogelijkheid de schadevergoedingsplicht te beperken.