BWBR0046962
Geldig vanaf 2022-07-26
Artikel 2.3
Tijdelijke subsidieregeling vermindering gevolgen Brexit voor de visserij
1. De hoogte van de subsidie, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, wordt bepaald door het subsidiebedrag per brutoton te vermenigvuldigen met de brutotonnage van het betreffende vissersvaartuig en de uitkomst daarvan, indien nodig, te vermeerderen met een aanvullend bedrag.
2. Het subsidiebedrag per brutoton en het eventuele aanvullende bedrag, bedoeld in het eerste lid, zijn opgenomen in bijlage II, waarbij voor het bepalen van de hoogte van de subsidie, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, de bedragen worden gebruikt die behoren bij de klasse-indeling in brutotonnage waarin het betreffende vissersvaartuig valt.
3. De brutotonnage van het betreffende vissersvaartuig is de brutotonnage die op de datum van publicatie van deze regeling bij het betreffende vissersvaartuig was vermeld in het visserijregister.
4. De subsidie, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, wordt, indien van toepassing, verminderd met:
a. andere subsidies of uitkeringen uit nationale regelingen ten behoeve van het tijdelijk stilliggen van het betreffende vissersvaartuig of het financieren van inkomensverlies als gevolg van de Brexit voor het betreffende vissersvaartuig, die door de subsidieontvanger zijn ontvangen tussen 1 januari 2021 en de datum van de beschikking tot subsidievaststelling, bedoeld in artikel 2.9;
b. subsidies die door een bestuursorgaan of de Europese Commissie zijn verleend voor de kosten van definitieve stopzetting van visserijactiviteiten met het betreffende vissersvaartuig; en
c. de vergoeding die de subsidieontvanger, na aftrek van de sloopkosten, ontvangt van het sloopbedrijf voor het betreffende vissersvaartuig.
5. Indien het betreffende vissersvaartuig verloren gaat op een tijdstip tussen het moment van subsidieverlening en het moment waarop het betreffende vissersvaartuig voor sloop wordt overgedragen aan het sloopbedrijf, wordt de subsidie, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, verminderd met het bedrag van de door de verzekering uitgekeerde vergoeding.
2. Het subsidiebedrag per brutoton en het eventuele aanvullende bedrag, bedoeld in het eerste lid, zijn opgenomen in bijlage II, waarbij voor het bepalen van de hoogte van de subsidie, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, de bedragen worden gebruikt die behoren bij de klasse-indeling in brutotonnage waarin het betreffende vissersvaartuig valt.
3. De brutotonnage van het betreffende vissersvaartuig is de brutotonnage die op de datum van publicatie van deze regeling bij het betreffende vissersvaartuig was vermeld in het visserijregister.
4. De subsidie, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, wordt, indien van toepassing, verminderd met:
a. andere subsidies of uitkeringen uit nationale regelingen ten behoeve van het tijdelijk stilliggen van het betreffende vissersvaartuig of het financieren van inkomensverlies als gevolg van de Brexit voor het betreffende vissersvaartuig, die door de subsidieontvanger zijn ontvangen tussen 1 januari 2021 en de datum van de beschikking tot subsidievaststelling, bedoeld in artikel 2.9;
b. subsidies die door een bestuursorgaan of de Europese Commissie zijn verleend voor de kosten van definitieve stopzetting van visserijactiviteiten met het betreffende vissersvaartuig; en
c. de vergoeding die de subsidieontvanger, na aftrek van de sloopkosten, ontvangt van het sloopbedrijf voor het betreffende vissersvaartuig.
5. Indien het betreffende vissersvaartuig verloren gaat op een tijdstip tussen het moment van subsidieverlening en het moment waarop het betreffende vissersvaartuig voor sloop wordt overgedragen aan het sloopbedrijf, wordt de subsidie, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, verminderd met het bedrag van de door de verzekering uitgekeerde vergoeding.