BWBR0046962
Geldig vanaf 2022-07-26
Artikel 2.2
Tijdelijke subsidieregeling vermindering gevolgen Brexit voor de visserij
1. De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan de eigenaar van een vissersvaartuig voor de definitieve stopzetting van visserijactiviteiten met dat vissersvaartuig, door sloop van dat vissersvaartuig.
2. De subsidie, bedoeld in het eerste lid, wordt enkel verleend, indien:
a. uit de logboekgegevens blijkt dat met het betreffende vissersvaartuig in de twee kalenderjaren 2018 en 2019, 2019 en 2020, dan wel 2020 en 2021 gedurende ten minste negentig dagen per jaar visserijactiviteiten op zee zijn verricht;
b. uit: 1⁰. de logboekgegevens blijkt dat de totale hoeveelheid vis die in de in onderdeel a bedoelde visserijactiviteiten per kalenderjaar is gevangen uitgedrukt in kilogrammen levend gewicht, voor ten minste 20 procent bestond uit de in bijlage I genoemde vissoorten die zijn gevangen in de bij die vissoort vermelde wateren; of
2⁰. de verkoopdocumenten blijkt de totale hoeveelheid vis die in de in onderdeel a bedoelde visserijactiviteiten per kalenderjaar is verkocht uitgedrukt in euro’s, voor ten minste 20 procent bestond uit de in bijlage I genoemde vissoorten die zijn gevangen in de bij die vissoorten vermelde wateren;
1⁰. de logboekgegevens blijkt dat de totale hoeveelheid vis die in de in onderdeel a bedoelde visserijactiviteiten per kalenderjaar is gevangen uitgedrukt in kilogrammen levend gewicht, voor ten minste 20 procent bestond uit de in bijlage I genoemde vissoorten die zijn gevangen in de bij die vissoort vermelde wateren; of
2⁰. de verkoopdocumenten blijkt de totale hoeveelheid vis die in de in onderdeel a bedoelde visserijactiviteiten per kalenderjaar is verkocht uitgedrukt in euro’s, voor ten minste 20 procent bestond uit de in bijlage I genoemde vissoorten die zijn gevangen in de bij die vissoorten vermelde wateren;
c. het betreffende vissersvaartuig tijdens de in onderdeel a bedoelde visserijactiviteiten was geregistreerd in het visserijregister;
d. de aanvrager na de datum van publicatie van deze regeling tot de dag waarop de subsidie door de aanvrager wordt aangevraagd, geen vissersvaartuig in het visserijregister heeft ingeschreven;
e. de totale brutotonnage van het vissersvaartuig of de vissersvaartuigen dat respectievelijk die op naam van de aanvrager in het visserijregister is respectievelijk zijn ingeschreven, niet hoger is dan dat de totale brutotonnage daarvan was op 31 december 2020;
f. de aanvrager na 21 juli 2022 bij de minister geen verzoek heeft ingediend dat ertoe heeft geleid dat: 1⁰. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold of dat op grond van artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij op zijn naam was aangehouden, geheel of gedeeltelijk is overgedragen overeenkomstig de artikelen 41, 42 of 43 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij;
2⁰. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold of dat op grond van artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij op zijn naam was aangehouden, geheel of gedeeltelijk in gebruik is gegeven overeenkomstig artikel 45, eerste lid, onderdeel a, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij of die ingebruikgave is gewijzigd; en
3⁰. voor zover onder de naam van de aanvrager nog een of meer andere vissersvaartuigen in het visserijregister zijn ingeschreven: i. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold is verdeeld over deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 40 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
ii. aangehouden contingent als bedoeld in artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij geldend is gemaakt op deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
i. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold is verdeeld over deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 40 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
ii. aangehouden contingent als bedoeld in artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij geldend is gemaakt op deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
1⁰. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold of dat op grond van artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij op zijn naam was aangehouden, geheel of gedeeltelijk is overgedragen overeenkomstig de artikelen 41, 42 of 43 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij;
2⁰. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold of dat op grond van artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij op zijn naam was aangehouden, geheel of gedeeltelijk in gebruik is gegeven overeenkomstig artikel 45, eerste lid, onderdeel a, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij of die ingebruikgave is gewijzigd; en
3⁰. voor zover onder de naam van de aanvrager nog een of meer andere vissersvaartuigen in het visserijregister zijn ingeschreven: i. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold is verdeeld over deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 40 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
ii. aangehouden contingent als bedoeld in artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij geldend is gemaakt op deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
i. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold is verdeeld over deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 40 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
ii. aangehouden contingent als bedoeld in artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij geldend is gemaakt op deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
g. de eigenaar van het betreffende vissersvaartuig heeft verklaard dat, ingeval de subsidie wordt verleend, hij voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 2.7, en hij ervan op de hoogte is dat de visvergunning en vismachtigingen die ten behoeve van het betreffende vissersvaartuig zijn verleend, overeenkomstig de artikelen 96, eerste lid, onderdeel c, onderscheidenlijk 100, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij definitief worden ingetrokken en dat de contingenten die voor het betreffende vissersvaartuig gelden op grond van de artikelen 29 en 30 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij, de contingenten die op naam van de eigenaar van het betreffende vissersvaartuig zijn aangehouden op grond van artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij en de contingenten die op grond van artikel 45, eerste lid, onderdeel a, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in gebruik zijn gegeven, vervallen.
2. De subsidie, bedoeld in het eerste lid, wordt enkel verleend, indien:
a. uit de logboekgegevens blijkt dat met het betreffende vissersvaartuig in de twee kalenderjaren 2018 en 2019, 2019 en 2020, dan wel 2020 en 2021 gedurende ten minste negentig dagen per jaar visserijactiviteiten op zee zijn verricht;
b. uit: 1⁰. de logboekgegevens blijkt dat de totale hoeveelheid vis die in de in onderdeel a bedoelde visserijactiviteiten per kalenderjaar is gevangen uitgedrukt in kilogrammen levend gewicht, voor ten minste 20 procent bestond uit de in bijlage I genoemde vissoorten die zijn gevangen in de bij die vissoort vermelde wateren; of
2⁰. de verkoopdocumenten blijkt de totale hoeveelheid vis die in de in onderdeel a bedoelde visserijactiviteiten per kalenderjaar is verkocht uitgedrukt in euro’s, voor ten minste 20 procent bestond uit de in bijlage I genoemde vissoorten die zijn gevangen in de bij die vissoorten vermelde wateren;
1⁰. de logboekgegevens blijkt dat de totale hoeveelheid vis die in de in onderdeel a bedoelde visserijactiviteiten per kalenderjaar is gevangen uitgedrukt in kilogrammen levend gewicht, voor ten minste 20 procent bestond uit de in bijlage I genoemde vissoorten die zijn gevangen in de bij die vissoort vermelde wateren; of
2⁰. de verkoopdocumenten blijkt de totale hoeveelheid vis die in de in onderdeel a bedoelde visserijactiviteiten per kalenderjaar is verkocht uitgedrukt in euro’s, voor ten minste 20 procent bestond uit de in bijlage I genoemde vissoorten die zijn gevangen in de bij die vissoorten vermelde wateren;
c. het betreffende vissersvaartuig tijdens de in onderdeel a bedoelde visserijactiviteiten was geregistreerd in het visserijregister;
d. de aanvrager na de datum van publicatie van deze regeling tot de dag waarop de subsidie door de aanvrager wordt aangevraagd, geen vissersvaartuig in het visserijregister heeft ingeschreven;
e. de totale brutotonnage van het vissersvaartuig of de vissersvaartuigen dat respectievelijk die op naam van de aanvrager in het visserijregister is respectievelijk zijn ingeschreven, niet hoger is dan dat de totale brutotonnage daarvan was op 31 december 2020;
f. de aanvrager na 21 juli 2022 bij de minister geen verzoek heeft ingediend dat ertoe heeft geleid dat: 1⁰. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold of dat op grond van artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij op zijn naam was aangehouden, geheel of gedeeltelijk is overgedragen overeenkomstig de artikelen 41, 42 of 43 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij;
2⁰. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold of dat op grond van artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij op zijn naam was aangehouden, geheel of gedeeltelijk in gebruik is gegeven overeenkomstig artikel 45, eerste lid, onderdeel a, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij of die ingebruikgave is gewijzigd; en
3⁰. voor zover onder de naam van de aanvrager nog een of meer andere vissersvaartuigen in het visserijregister zijn ingeschreven: i. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold is verdeeld over deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 40 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
ii. aangehouden contingent als bedoeld in artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij geldend is gemaakt op deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
i. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold is verdeeld over deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 40 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
ii. aangehouden contingent als bedoeld in artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij geldend is gemaakt op deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
1⁰. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold of dat op grond van artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij op zijn naam was aangehouden, geheel of gedeeltelijk is overgedragen overeenkomstig de artikelen 41, 42 of 43 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij;
2⁰. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold of dat op grond van artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij op zijn naam was aangehouden, geheel of gedeeltelijk in gebruik is gegeven overeenkomstig artikel 45, eerste lid, onderdeel a, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij of die ingebruikgave is gewijzigd; en
3⁰. voor zover onder de naam van de aanvrager nog een of meer andere vissersvaartuigen in het visserijregister zijn ingeschreven: i. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold is verdeeld over deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 40 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
ii. aangehouden contingent als bedoeld in artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij geldend is gemaakt op deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
i. contingent dat voor het betreffende vissersvaartuig gold is verdeeld over deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 40 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
ii. aangehouden contingent als bedoeld in artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij geldend is gemaakt op deze andere vissersvaartuigen overeenkomstig artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij; en
g. de eigenaar van het betreffende vissersvaartuig heeft verklaard dat, ingeval de subsidie wordt verleend, hij voldoet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 2.7, en hij ervan op de hoogte is dat de visvergunning en vismachtigingen die ten behoeve van het betreffende vissersvaartuig zijn verleend, overeenkomstig de artikelen 96, eerste lid, onderdeel c, onderscheidenlijk 100, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij definitief worden ingetrokken en dat de contingenten die voor het betreffende vissersvaartuig gelden op grond van de artikelen 29 en 30 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij, de contingenten die op naam van de eigenaar van het betreffende vissersvaartuig zijn aangehouden op grond van artikel 44 van de Uitvoeringsregeling zeevisserij en de contingenten die op grond van artikel 45, eerste lid, onderdeel a, van de Uitvoeringsregeling zeevisserij in gebruik zijn gegeven, vervallen.