BWBR0044646
Geldig vanaf 2021-01-01
Artikel 11
Subsidieregeling Tel mee met Taal 2021-2024
1. Een aanvrager dient bij een aanvraag voor een subsidie als bedoeld in deze paragraaf, de volgende documenten in:
a. een activiteitenplan dat voldoet aan de eisen gesteld in artikel 3.4 van de Kaderregeling en dat bovendien ten minste bevat: 1°. een beschrijving van het opleidingstraject of de opleidingstrajecten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, waaruit in elk geval het aantal contacturen, de periode waarin het opleidingstraject wordt aangeboden, het aantal werknemers, de groepsgrootte per opleidingstraject, het niveau van de opleiding, de gebruikte lesmethode, de opleider of zelfstandige taaldocent en de te gebruiken toetsinstrumenten blijken;
2°. een beschrijving van de doelstellingen van het opleidingstraject of de opleidingstrajecten en de wijze waarop deze aansluit of aansluiten bij de huidige of toekomstige werkzaamheden van de werknemers;
3°. een beschrijving van de eventuele aanvullende activiteiten; en
4°. een keuze voor een vorm van monitoring aan de hand waarvan na het opleidingstraject of de opleidingstrajecten zal worden geëvalueerd in hoeverre de doelstellingen daarvan en van de eventuele aanvullende activiteiten zijn behaald, waarbij de aanvrager kan kiezen uit een zelfevaluatie, impactmeting of het bijhouden van leeruitkomsten of testresultaten;
1°. een beschrijving van het opleidingstraject of de opleidingstrajecten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, waaruit in elk geval het aantal contacturen, de periode waarin het opleidingstraject wordt aangeboden, het aantal werknemers, de groepsgrootte per opleidingstraject, het niveau van de opleiding, de gebruikte lesmethode, de opleider of zelfstandige taaldocent en de te gebruiken toetsinstrumenten blijken;
2°. een beschrijving van de doelstellingen van het opleidingstraject of de opleidingstrajecten en de wijze waarop deze aansluit of aansluiten bij de huidige of toekomstige werkzaamheden van de werknemers;
3°. een beschrijving van de eventuele aanvullende activiteiten; en
4°. een keuze voor een vorm van monitoring aan de hand waarvan na het opleidingstraject of de opleidingstrajecten zal worden geëvalueerd in hoeverre de doelstellingen daarvan en van de eventuele aanvullende activiteiten zijn behaald, waarbij de aanvrager kan kiezen uit een zelfevaluatie, impactmeting of het bijhouden van leeruitkomsten of testresultaten;
b. een begroting die voldoet aan de eisen gesteld in artikel 3.5 van de Kaderregeling en waaruit in elk geval de totale kosten van het opleidingstraject of de opleidingstrajecten, de kosten per werknemer, het aantal contacturen, de kosten per contactuur en de hoogte van de eigen bijdrage of bijdragen van derden duidelijk worden; en
c. indien de aanvraag wordt gedaan door een penvoerder: de verklaring, bedoeld in artikel 6, vijfde lid.
2. De aanvrager vermeldt in de aanvraag zijn Kamer van Koophandel-nummer en dat van de opleider of zelfstandige taaldocent, hetzij, indien de aanvrager, opleider of zelfstandige taaldocent in het buitenland is gevestigd, het inschrijvingsnummer van de daarmee vergelijkbare instantie in het land van vestiging.
a. een activiteitenplan dat voldoet aan de eisen gesteld in artikel 3.4 van de Kaderregeling en dat bovendien ten minste bevat: 1°. een beschrijving van het opleidingstraject of de opleidingstrajecten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, waaruit in elk geval het aantal contacturen, de periode waarin het opleidingstraject wordt aangeboden, het aantal werknemers, de groepsgrootte per opleidingstraject, het niveau van de opleiding, de gebruikte lesmethode, de opleider of zelfstandige taaldocent en de te gebruiken toetsinstrumenten blijken;
2°. een beschrijving van de doelstellingen van het opleidingstraject of de opleidingstrajecten en de wijze waarop deze aansluit of aansluiten bij de huidige of toekomstige werkzaamheden van de werknemers;
3°. een beschrijving van de eventuele aanvullende activiteiten; en
4°. een keuze voor een vorm van monitoring aan de hand waarvan na het opleidingstraject of de opleidingstrajecten zal worden geëvalueerd in hoeverre de doelstellingen daarvan en van de eventuele aanvullende activiteiten zijn behaald, waarbij de aanvrager kan kiezen uit een zelfevaluatie, impactmeting of het bijhouden van leeruitkomsten of testresultaten;
1°. een beschrijving van het opleidingstraject of de opleidingstrajecten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, waaruit in elk geval het aantal contacturen, de periode waarin het opleidingstraject wordt aangeboden, het aantal werknemers, de groepsgrootte per opleidingstraject, het niveau van de opleiding, de gebruikte lesmethode, de opleider of zelfstandige taaldocent en de te gebruiken toetsinstrumenten blijken;
2°. een beschrijving van de doelstellingen van het opleidingstraject of de opleidingstrajecten en de wijze waarop deze aansluit of aansluiten bij de huidige of toekomstige werkzaamheden van de werknemers;
3°. een beschrijving van de eventuele aanvullende activiteiten; en
4°. een keuze voor een vorm van monitoring aan de hand waarvan na het opleidingstraject of de opleidingstrajecten zal worden geëvalueerd in hoeverre de doelstellingen daarvan en van de eventuele aanvullende activiteiten zijn behaald, waarbij de aanvrager kan kiezen uit een zelfevaluatie, impactmeting of het bijhouden van leeruitkomsten of testresultaten;
b. een begroting die voldoet aan de eisen gesteld in artikel 3.5 van de Kaderregeling en waaruit in elk geval de totale kosten van het opleidingstraject of de opleidingstrajecten, de kosten per werknemer, het aantal contacturen, de kosten per contactuur en de hoogte van de eigen bijdrage of bijdragen van derden duidelijk worden; en
c. indien de aanvraag wordt gedaan door een penvoerder: de verklaring, bedoeld in artikel 6, vijfde lid.
2. De aanvrager vermeldt in de aanvraag zijn Kamer van Koophandel-nummer en dat van de opleider of zelfstandige taaldocent, hetzij, indien de aanvrager, opleider of zelfstandige taaldocent in het buitenland is gevestigd, het inschrijvingsnummer van de daarmee vergelijkbare instantie in het land van vestiging.