BWBR0041553
Geldig vanaf 2018-11-17
Artikel 11
Regeling regionaal investeringsfonds mbo 2019–2022
Op grond van deze regeling wordt geen subsidie verstrekt voor:
a. kosten voor afschrijving van nieuwbouw en verbouw, die niet voldoen aan artikel 17, zesde lid, kosten van leegstand van gebouwen, dan wel loonverletkosten van personeel;
b. activiteiten die zijn gefinancierd vanuit de rijksbijdrage voor de betreffende instelling, bedoeld in artikel 2.2.1 van de wet;
c. activiteiten die voor het tijdstip van indienen van de aanvraag hebben plaatsgevonden;
d. activiteiten met betrekking tot publiek-private samenwerking in het beroepsonderwijs waarvoor reeds subsidie is verleend door de Minister voor de ontwikkeling van een Centrum voor innovatief vakmanschap met tussenkomst van het Platform Bèta Techniek;
e. activiteiten waarvoor subsidie is verleend op grond van de Regeling cofinanciering sectorplannen van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
f. activiteiten waarvoor subsidie is verleend op grond van de Subsidieregeling praktijkleren respectievelijk de Subsidieregeling stageplaatsen zorg II van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
g. activiteiten die worden gesubsidieerd op grond van de Subsidieregeling sterker techniekonderwijs 2020–2023; en
h. activiteiten die worden gesubsidieerd op grond van een andere ministeriële regeling dan de onderdelen e, f en g genoemde.
a. kosten voor afschrijving van nieuwbouw en verbouw, die niet voldoen aan artikel 17, zesde lid, kosten van leegstand van gebouwen, dan wel loonverletkosten van personeel;
b. activiteiten die zijn gefinancierd vanuit de rijksbijdrage voor de betreffende instelling, bedoeld in artikel 2.2.1 van de wet;
c. activiteiten die voor het tijdstip van indienen van de aanvraag hebben plaatsgevonden;
d. activiteiten met betrekking tot publiek-private samenwerking in het beroepsonderwijs waarvoor reeds subsidie is verleend door de Minister voor de ontwikkeling van een Centrum voor innovatief vakmanschap met tussenkomst van het Platform Bèta Techniek;
e. activiteiten waarvoor subsidie is verleend op grond van de Regeling cofinanciering sectorplannen van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
f. activiteiten waarvoor subsidie is verleend op grond van de Subsidieregeling praktijkleren respectievelijk de Subsidieregeling stageplaatsen zorg II van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
g. activiteiten die worden gesubsidieerd op grond van de Subsidieregeling sterker techniekonderwijs 2020–2023; en
h. activiteiten die worden gesubsidieerd op grond van een andere ministeriële regeling dan de onderdelen e, f en g genoemde.